BWBR0020871
Geldig vanaf 2018-12-06
Artikel 5
Besluit financieel toetsingskader pensioenfondsen
1. Het eigen vermogen van een fonds wordt met name gevormd door de volgende vermogensbestanddelen:
a. het gestorte aandelenkapitaal of waarborgkapitaal vermeerderd met de ledenrekeningen;
b. de reserves;
c. het onverdeelde positieve of negatieve resultaat;
d. het cumulatief preferent aandelenkapitaal;
e. de achtergestelde leningen;
f. de effecten met onbepaalde looptijd en andere vermogensinstrumenten; en
g. de helft van het obligo van het geplaatste kapitaal of van het in aandelen verdeeld waarborgkapitaal.
2. Het eigen vermogen van een fonds wordt verminderd met het bedrag van de eigen aandelen die rechtstreeks door het fonds worden gehouden en met het bedrag van de immateriële activa.
a. het gestorte aandelenkapitaal of waarborgkapitaal vermeerderd met de ledenrekeningen;
b. de reserves;
c. het onverdeelde positieve of negatieve resultaat;
d. het cumulatief preferent aandelenkapitaal;
e. de achtergestelde leningen;
f. de effecten met onbepaalde looptijd en andere vermogensinstrumenten; en
g. de helft van het obligo van het geplaatste kapitaal of van het in aandelen verdeeld waarborgkapitaal.
2. Het eigen vermogen van een fonds wordt verminderd met het bedrag van de eigen aandelen die rechtstreeks door het fonds worden gehouden en met het bedrag van de immateriële activa.