BWBR0020445
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 6.8
Besluit geluidhinder
1. De eigenaren van de woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, die op basis van het in artikel 6.5bedoelde akoestisch en bouwtechnisch onderzoek voor het van overheidswege aanbrengen van geluidwerende voorzieningen in aanmerking komen, ontvangen:
a. een aanbod met betrekking tot de aan te brengen geluidwerende voorzieningen en
b. indien toepassing wordt gevraagd van artikel 6.6, eerste lid, een voorstel voor een overeenkomst met betrekking tot het aanbrengen van de extra voorzieningen, bedoeld in artikel 6.6, eerste lid.
2. Tevens wordt de betreffende eigenaren meegedeeld wanneer de geluidwerende voorzieningen naar verwachting zullen worden aangebracht.
3. Indien geen toepassing wordt gegeven aan artikel 6.7, eerste lid, wordt het aanbod, bedoeld in het eerste lid, onder a, gedaan onder de voorwaarde dat de extra voorzieningen door de eigenaar worden aangebracht binnen de door het bevoegd gezag gestelde termijn, voorafgaand aan het aanbrengen van de geluidwerende voorzieningen.
4. De eigenaren van de woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, die op basis van het in artikel 6.5bedoelde akoestisch en bouwtechnisch onderzoek voor het van overheidswege aanbrengen van geluidwerende voorzieningen niet in aanmerking komen, worden hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
a. een aanbod met betrekking tot de aan te brengen geluidwerende voorzieningen en
b. indien toepassing wordt gevraagd van artikel 6.6, eerste lid, een voorstel voor een overeenkomst met betrekking tot het aanbrengen van de extra voorzieningen, bedoeld in artikel 6.6, eerste lid.
2. Tevens wordt de betreffende eigenaren meegedeeld wanneer de geluidwerende voorzieningen naar verwachting zullen worden aangebracht.
3. Indien geen toepassing wordt gegeven aan artikel 6.7, eerste lid, wordt het aanbod, bedoeld in het eerste lid, onder a, gedaan onder de voorwaarde dat de extra voorzieningen door de eigenaar worden aangebracht binnen de door het bevoegd gezag gestelde termijn, voorafgaand aan het aanbrengen van de geluidwerende voorzieningen.
4. De eigenaren van de woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen, die op basis van het in artikel 6.5bedoelde akoestisch en bouwtechnisch onderzoek voor het van overheidswege aanbrengen van geluidwerende voorzieningen niet in aanmerking komen, worden hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.