BWBR0020052
Geldig vanaf 2006-10-01
Artikel 17
Wet melding zeggenschap en kapitaalbelang in effectenuitgevende instellingen
1. Onze Minister houdt een register met de gegevens die worden gemeld op grond van deze wet. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de inrichting en de werking van het register.
2. Onze Minister houdt de gegevens in het register voor een ieder kosteloos ter inzage.
3. Behoudens het bepaalde in het vijfde lid, doet Onze Minister, nadat hij een melding heeft ontvangen, onverwijld mededeling van deze melding aan de desbetreffende uitgevende instelling en aan de meldingsplichtige. De in de eerste volzin bedoelde mededeling strekt voor de meldingsplichtige tot bewijs dat deze aan zijn verplichting tot het doen van een melding heeft voldaan.
4. Behoudens het bepaalde in het vijfde lid, verwerkt Onze Minister binnen een werkdag volgend op de werkdag waarop hij een melding heeft ontvangen, de daarin opgenomen gegevens, voor zover van toepassing, in het register. Onze Minister doet onverwijld na de in de vorige volzin bedoelde verwerking mededeling van de inhoud van de melding aan de desbetreffende uitgevende instelling.
5. Indien Onze Minister de verwerking van een melding in het register heeft opgeschort op grond van artikel 19, zesde lid, verwerkt hij de in het vierde lid bedoelde gegevens in het register in elk geval binnen een werkdag volgend op de werkdag waarop de gevorderde inlichtingen zijn verkregen dan wel, indien de gevorderde inlichtingen niet zijn verkregen, zodra hij verwerking in het register mogelijk acht. Onze Minister doet in dat geval onverwijld na de in de vorige volzin bedoelde verwerking mededeling van de melding aan de meldingsplichtige en mededeling van de inhoud van de melding aan de desbetreffende uitgevende instelling. De in de tweede volzin bedoelde mededeling strekt voor de meldingsplichtige tot bewijs dat deze aan zijn verplichting tot het doen van een melding heeft voldaan.
2. Onze Minister houdt de gegevens in het register voor een ieder kosteloos ter inzage.
3. Behoudens het bepaalde in het vijfde lid, doet Onze Minister, nadat hij een melding heeft ontvangen, onverwijld mededeling van deze melding aan de desbetreffende uitgevende instelling en aan de meldingsplichtige. De in de eerste volzin bedoelde mededeling strekt voor de meldingsplichtige tot bewijs dat deze aan zijn verplichting tot het doen van een melding heeft voldaan.
4. Behoudens het bepaalde in het vijfde lid, verwerkt Onze Minister binnen een werkdag volgend op de werkdag waarop hij een melding heeft ontvangen, de daarin opgenomen gegevens, voor zover van toepassing, in het register. Onze Minister doet onverwijld na de in de vorige volzin bedoelde verwerking mededeling van de inhoud van de melding aan de desbetreffende uitgevende instelling.
5. Indien Onze Minister de verwerking van een melding in het register heeft opgeschort op grond van artikel 19, zesde lid, verwerkt hij de in het vierde lid bedoelde gegevens in het register in elk geval binnen een werkdag volgend op de werkdag waarop de gevorderde inlichtingen zijn verkregen dan wel, indien de gevorderde inlichtingen niet zijn verkregen, zodra hij verwerking in het register mogelijk acht. Onze Minister doet in dat geval onverwijld na de in de vorige volzin bedoelde verwerking mededeling van de melding aan de meldingsplichtige en mededeling van de inhoud van de melding aan de desbetreffende uitgevende instelling. De in de tweede volzin bedoelde mededeling strekt voor de meldingsplichtige tot bewijs dat deze aan zijn verplichting tot het doen van een melding heeft voldaan.