BWBR0018595
Geldig vanaf 2005-07-22
Artikel 16
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectie Verkeer en Waterstaat 2005
1. De aan de inspecteur-generaal bij of krachtens de Binnenschepenwet, de Meetbrievenwet 1981, de Wet Havenstaatcontrole, de Wet voorkoming verontreiniging door schepen, het Wetboek van Koophandelen de Zeevaartbemanningswettoebedeelde bevoegdheden worden eveneens gemandateerd aan:
a. de plaatsvervangend inspecteur-generaal;
b. de hoofdinspecteur van de Toezichteenheid Zeevaart;
c. de hoofdinspecteur van de Toezichteenheid Binnenvaart.
2. De in het eerste lid bedoelde bevoegdheden worden eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen van de Toezichteenheid Zeevaart:
a. de unitmanager van de unit Managementondersteuning;
b. de unitmanager van de unit Inspectie Gevaarlijke Stoffen;
c. de unitmanager van de unit Inspectie Havenstaat;
d. de unitmanager van de unit Inspectie Vlaggenstaat;
e. de unitmanager van de unit Toelating en Continuering;
f. de unitmanager van de unit Kennis, Advies en Berichtgeving;
g. de medisch adviseur.
3. De in het eerste lid bedoelde bevoegdheden worden eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen van de Toezichteenheid Binnenvaart:
a. de unitmanager van de unit Toelating en Continuering;
b. de unitmanager van de unit Inspectie;
c. de unitmanager van de unit Kennis, Advies en Berichtgeving;
d. de medisch adviseur.
a. de plaatsvervangend inspecteur-generaal;
b. de hoofdinspecteur van de Toezichteenheid Zeevaart;
c. de hoofdinspecteur van de Toezichteenheid Binnenvaart.
2. De in het eerste lid bedoelde bevoegdheden worden eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen van de Toezichteenheid Zeevaart:
a. de unitmanager van de unit Managementondersteuning;
b. de unitmanager van de unit Inspectie Gevaarlijke Stoffen;
c. de unitmanager van de unit Inspectie Havenstaat;
d. de unitmanager van de unit Inspectie Vlaggenstaat;
e. de unitmanager van de unit Toelating en Continuering;
f. de unitmanager van de unit Kennis, Advies en Berichtgeving;
g. de medisch adviseur.
3. De in het eerste lid bedoelde bevoegdheden worden eveneens gemandateerd aan de volgende functionarissen van de Toezichteenheid Binnenvaart:
a. de unitmanager van de unit Toelating en Continuering;
b. de unitmanager van de unit Inspectie;
c. de unitmanager van de unit Kennis, Advies en Berichtgeving;
d. de medisch adviseur.