BWBR0018595
Geldig vanaf 2005-07-22
Artikel 11
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectie Verkeer en Waterstaat 2005
1. De aan de inspecteur-generaal verleende bevoegdheden worden, voorzover het betreft besluiten, niet gericht tot de minister, aangaande de handhaving van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, de Wet verontreiniging zeewater, de Wet op de waterhuishouding, de Wet bodembeschermingen de Wet milieubeheergemandateerd aan de Directeur-Generaal Rijkswaterstaat.
2. De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat kan ten aanzien van de hem op grond van het eerste lid verleende bevoegdheden ondermandaat verlenen aan door hem daartoe aangewezen functionarissen.
2. De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat kan ten aanzien van de hem op grond van het eerste lid verleende bevoegdheden ondermandaat verlenen aan door hem daartoe aangewezen functionarissen.