BWBR0018595
Geldig vanaf 2005-07-22
Artikel 24
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectie Verkeer en Waterstaat 2005
1. Het in een document vastleggen van een besluit, een privaatrechtelijke rechtshandeling of een andere handeling overeenkomstig het bepaalde in dit besluit, geschiedt op briefpapier van het ministerie met het hoofd:
‘INSPECTIE VERKEER EN WATERSTAAT’.
2. Een document als bedoeld in het eerste lid, dat door een functionaris, genoemd in artikel 2, onder a, alsmede bij afwezigheid van de inspecteur-generaal door de functionaris, genoemd in artikel 22, eerste lid, wordt vastgesteld, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
3. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, genoemd in artikel 2, onder b tot en met o, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
4. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een unitmanager, genoemd in de artikelen 3 tot en met 10, en 12 tot en met 15, onder a tot en met k, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken unitmanager.
5. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door de functionaris, genoemd in artikel 15, onder l, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,
DE BEHEERDER VAN HET NEDERLANDS LUCHTVAARTUIGREGISTER,’,
gevolgd door de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
6. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, bedoeld in artikel 11, vermeldt aan het slot:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,
DE INSPECTEUR-GENERAAL VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris van het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat.
7. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, genoemd in artikel 16, vermeldt aan het slot:
‘DE INSPECTEUR-GENERAAL VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
8. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris als bedoeld in artikel 22, tweede tot en met vierde lid, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
‘INSPECTIE VERKEER EN WATERSTAAT’.
2. Een document als bedoeld in het eerste lid, dat door een functionaris, genoemd in artikel 2, onder a, alsmede bij afwezigheid van de inspecteur-generaal door de functionaris, genoemd in artikel 22, eerste lid, wordt vastgesteld, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
3. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, genoemd in artikel 2, onder b tot en met o, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
4. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een unitmanager, genoemd in de artikelen 3 tot en met 10, en 12 tot en met 15, onder a tot en met k, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken unitmanager.
5. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door de functionaris, genoemd in artikel 15, onder l, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,
DE BEHEERDER VAN HET NEDERLANDS LUCHTVAARTUIGREGISTER,’,
gevolgd door de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
6. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, bedoeld in artikel 11, vermeldt aan het slot:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,
DE INSPECTEUR-GENERAAL VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris van het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat.
7. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris, genoemd in artikel 16, vermeldt aan het slot:
‘DE INSPECTEUR-GENERAAL VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
8. Een document als bedoeld in het eerste lid, vastgesteld door een functionaris als bedoeld in artikel 22, tweede tot en met vierde lid, vermeldt aan het slot:
‘DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
dan wel:
‘DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
namens deze,’,
in beide gevallen gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.