BWBR0018595
Geldig vanaf 2005-07-22
Artikel 21
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Inspectie Verkeer en Waterstaat 2005
1. Uitsluitend voor het verrichten van handelingen die verband houden met het vertegenwoordigen van de Minister van Verkeer en Waterstaat of de inspecteur-generaal in het kader van een geschil dat bij de bestuursrechter aanhangig is gemaakt, zijn gemachtigd de door de inspecteur-generaal, de directeur van de Toezicht Beheereenheid of de directeur Bedrijfsvoering daartoe aangewezen functionarissen die het doctoraat in de rechtsgeleerdheid hebben of het recht om de titel meester te voeren, mits dit doctoraat of dit recht verkregen is op grond van het afleggen van een examen in het Nederlands burgerlijk en handelsrecht, staatsrecht en strafrecht.
2. De inspecteur-generaal, de directeur van de Toezicht Beheereenheid, de directeur Bedrijfsvoering of de hoofdinspecteurs van de verschillende toezichteenheden kunnen andere functionarissen binnen hun organisatieonderdeel machtigen om tezamen met de in het eerste lid bedoelde functionarissen handelingen te verrichten die verband houden met het vertegenwoordigen van de Minister van Verkeer en Waterstaat of de inspecteur-generaal in het kader van een geschil dat bij de bestuursrechter aanhangig is gemaakt.
2. De inspecteur-generaal, de directeur van de Toezicht Beheereenheid, de directeur Bedrijfsvoering of de hoofdinspecteurs van de verschillende toezichteenheden kunnen andere functionarissen binnen hun organisatieonderdeel machtigen om tezamen met de in het eerste lid bedoelde functionarissen handelingen te verrichten die verband houden met het vertegenwoordigen van de Minister van Verkeer en Waterstaat of de inspecteur-generaal in het kader van een geschil dat bij de bestuursrechter aanhangig is gemaakt.