BWBR0018590
Geldig vanaf 2005-08-05
Artikel 15
Meetregeling luchtkwaliteit 2005
1. Per meetpunt voor de meting van benzeen worden uurgemiddelde, vierentwintig-uurgemiddelde dan wel week-gemiddelde concentraties bepaald
a. in stedelijk gebied: gedurende ten minste 35 procent van de tijd in een kalenderjaar en
b. in de nabijheid van inrichtingen: gedurende ten minste 90 procent van de tijd in een kalenderjaar.
2. De metingen worden continu dan wel steekproefsgewijs verricht.
3. Steekproefsgewijze metingen vinden gelijkmatig over het kalenderjaar gespreid plaats, met dien verstande dat gedurende één dag per week, gelijkmatig over het jaar gespreid, één meting plaatsvindt dan wel dat één meting per dag plaatsvindt gedurende acht gelijkmatig over het jaar gespreide weken.
4. Het aantal gevalideerde meetwaarden per kalenderjaar bedraagt ten minste 90 procent.
5. Meetresultaten waarvan moet worden aangenomen dat de afwijking ten opzichte van de werkelijke concentratie groter is dan bepaald in artikel 25, negende lid, van het besluit, worden niet gebruikt.
a. in stedelijk gebied: gedurende ten minste 35 procent van de tijd in een kalenderjaar en
b. in de nabijheid van inrichtingen: gedurende ten minste 90 procent van de tijd in een kalenderjaar.
2. De metingen worden continu dan wel steekproefsgewijs verricht.
3. Steekproefsgewijze metingen vinden gelijkmatig over het kalenderjaar gespreid plaats, met dien verstande dat gedurende één dag per week, gelijkmatig over het jaar gespreid, één meting plaatsvindt dan wel dat één meting per dag plaatsvindt gedurende acht gelijkmatig over het jaar gespreide weken.
4. Het aantal gevalideerde meetwaarden per kalenderjaar bedraagt ten minste 90 procent.
5. Meetresultaten waarvan moet worden aangenomen dat de afwijking ten opzichte van de werkelijke concentratie groter is dan bepaald in artikel 25, negende lid, van het besluit, worden niet gebruikt.