BWBR0017966
Geldig vanaf 04-02-2005
Artikel 6 Gw
Wet raadplegend referendum Europese Grondwet — artikel 6
De artikelen 34 en 35 van de Tijdelijke referendumwet zijn van toepassing, met dien verstande dat:
a. in artikel 34, eerste en tweede lid, in plaats van «elk nationaal referendum» wordt gelezen: het referendum;
b. in artikel 34, derde lid, in plaats van «vanaf het tijdstip waarop het besluit van de voorzitter van het centraal stembureau tot toelating van het inleidend verzoek tot het houden van een referendum onherroepelijk is geworden» wordt gelezen: met ingang van de dag waarop deze wet in werking is getreden;
c. in artikel 34, vierde lid, in plaats van «de dagtekening van het koninklijk besluit, bedoeld in artikel 110» wordt gelezen: de dagtekening van het besluit, bedoeld in artikel 8, eerste lid.
a. in artikel 34, eerste en tweede lid, in plaats van «elk nationaal referendum» wordt gelezen: het referendum;
b. in artikel 34, derde lid, in plaats van «vanaf het tijdstip waarop het besluit van de voorzitter van het centraal stembureau tot toelating van het inleidend verzoek tot het houden van een referendum onherroepelijk is geworden» wordt gelezen: met ingang van de dag waarop deze wet in werking is getreden;
c. in artikel 34, vierde lid, in plaats van «de dagtekening van het koninklijk besluit, bedoeld in artikel 110» wordt gelezen: de dagtekening van het besluit, bedoeld in artikel 8, eerste lid.
- Citeren als
- Art. 6 Gw
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0017966
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl