BWBR0017710
Geldig vanaf 2007-04-10
Artikel 20
Regeling keuring spoorvoertuigen
1. Spoorvoertuigen voldoen ten aanzien van elektromagnetische compatibiliteit, stoorstroom en impedantie aan de volgende eisen:
a. NEN-EN 50121-1, 50121-3-1, 50121-3-2 en 50238;
b. de elektromagnetische veldsterkte als bedoeld in ENV 50204 bedraagt 30V/m bij 900 MHz, level 4;
c. de geleidergebonden storing als bedoeld in EN 61000-4-6 bedraagt 10 VRMS , level 3;
d. de geleidergebonden pulsvormige storing als bedoeld in EN 61000-4-5 bedraagt 2kV voor ‘common mode’ en 1 kV voor ‘differential mode’;
e. de effectieve waarde van de AC-component in de lijnstroom bedraagt op treinniveau niet meer dan 50 A;
f. de psofometrische stoorstroomcomponent als bedoeld in NEN-EN 50121-3-1 bedraagt voor een trein minder dan 10 A;
g. de stoorstroomcomponent in het frequentiebereik van 50–100 Hz bedraagt gedurende 0,2 seconden of langer voor een trein ten hoogste de in de tabel telkens aangegeven waarde:
h. de ingangsimpedantie bedraagt bij een frequentie van 75 ± 3 Hz op treinniveau tenminste 0,40 Ω inductief;
i. de ingangsimpedantie bedraagt bij een frequentie van 75 Hz op treinniveau meer dan 0,40 Ω en is niet capacitief.
a. NEN-EN 50121-1, 50121-3-1, 50121-3-2 en 50238;
b. de elektromagnetische veldsterkte als bedoeld in ENV 50204 bedraagt 30V/m bij 900 MHz, level 4;
c. de geleidergebonden storing als bedoeld in EN 61000-4-6 bedraagt 10 VRMS , level 3;
d. de geleidergebonden pulsvormige storing als bedoeld in EN 61000-4-5 bedraagt 2kV voor ‘common mode’ en 1 kV voor ‘differential mode’;
e. de effectieve waarde van de AC-component in de lijnstroom bedraagt op treinniveau niet meer dan 50 A;
f. de psofometrische stoorstroomcomponent als bedoeld in NEN-EN 50121-3-1 bedraagt voor een trein minder dan 10 A;
g. de stoorstroomcomponent in het frequentiebereik van 50–100 Hz bedraagt gedurende 0,2 seconden of langer voor een trein ten hoogste de in de tabel telkens aangegeven waarde:
h. de ingangsimpedantie bedraagt bij een frequentie van 75 ± 3 Hz op treinniveau tenminste 0,40 Ω inductief;
i. de ingangsimpedantie bedraagt bij een frequentie van 75 Hz op treinniveau meer dan 0,40 Ω en is niet capacitief.