BWBR0017558
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 53
Regeling GLB-inkomenssteun
De aanhoudperiode gedurende welke de dieren waarvoor premie is aangevraagd op het bedrijf moeten worden gehouden, beloopt voor:
– ooien: een aaneengesloten periode van 100 dagen gerekend vanaf de eerste dag na het einde van de aanvraagperiode;
– stieren of ossen: een aaneengesloten periode van twee maanden te rekenen vanaf de dag na de dag van ontvangst door DR van de premieaanvraag;
– zoogkoeien: een aaneengesloten periode van zes maanden te rekenen vanaf de dag na de dag van ontvangst door DR van de premieaanvraag;
– runderen waarvoor premie als bedoeld in artikel 56, tweede lid, wordt aangevraagd: een aaneengesloten periode van tenminste twee maanden.
– ooien: een aaneengesloten periode van 100 dagen gerekend vanaf de eerste dag na het einde van de aanvraagperiode;
– stieren of ossen: een aaneengesloten periode van twee maanden te rekenen vanaf de dag na de dag van ontvangst door DR van de premieaanvraag;
– zoogkoeien: een aaneengesloten periode van zes maanden te rekenen vanaf de dag na de dag van ontvangst door DR van de premieaanvraag;
– runderen waarvoor premie als bedoeld in artikel 56, tweede lid, wordt aangevraagd: een aaneengesloten periode van tenminste twee maanden.