BWBR0017558
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 57
Regeling GLB-inkomenssteun
1. Om voor premie als bedoeld in artikel 56, eerste lid, in aanmerking te komen dient de landbouwer een premieaanvraag dieren in bij DR, in één of meer van de navolgende perioden.
2. De periode voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor ooien is het tijdvak van 3 januari tot en met 7 februari.
3. De perioden voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor stieren en ossen zijn:
a. het tijdvak van 1 februari tot en met 28 februari,
b. het tijdvak van 2 mei tot en met 30 mei,
c. het tijdvak van 1 augustus tot en met 29 augustus, en
d. het tijdvak van 17 oktober tot en met 5 december.
4. De periode voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor zoogkoeien is het tijdvak van 1 juni tot en met 30 juni.
5. Per aanvraagperiode kan slechts eenmaal een aanvraag worden ingediend, welke ten minste betrekking heeft op tien ooien, onderscheidenlijk drie stieren, drie ossen of drie zoogkoeien.
2. De periode voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor ooien is het tijdvak van 3 januari tot en met 7 februari.
3. De perioden voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor stieren en ossen zijn:
a. het tijdvak van 1 februari tot en met 28 februari,
b. het tijdvak van 2 mei tot en met 30 mei,
c. het tijdvak van 1 augustus tot en met 29 augustus, en
d. het tijdvak van 17 oktober tot en met 5 december.
4. De periode voor het indienen van een aanvraag voor een premie voor zoogkoeien is het tijdvak van 1 juni tot en met 30 juni.
5. Per aanvraagperiode kan slechts eenmaal een aanvraag worden ingediend, welke ten minste betrekking heeft op tien ooien, onderscheidenlijk drie stieren, drie ossen of drie zoogkoeien.