BWBR0016021
Geldig vanaf 2010-12-07
Artikel 14
Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit
1. Indien duurzame elektriciteit of warmte wordt opgewekt door middel van huishoudelijk afval of vergelijkbaar bedrijfsafval in een afvalverbrandingsinstallatie gaat de garantiebeheerinstantie uit van het percentage, bedoeld in het tweede lid. De artikelen 8 tot en met 13zijn in dat geval niet van toepassing.
2. De Minister stelt jaarlijks uiterlijk op 1 december ten behoeve van het daaropvolgende kalenderjaar een percentage vast, dat uitdrukt welk gedeelte van de totale hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt door middel van huishoudelijk afval of vergelijkbaar bedrijfsafval in een afvalverbrandingsinstallatie, duurzame elektriciteit is.
3. Indien de garantiebeheerinstantie constateert dat in een afvalverbrandingsinstallatie of in een AVI-eenheid waarin duurzame elektriciteit wordt opgewekt door middel van huishoudelijk afval of vergelijkbaar bedrijfsafval, substantiële hoeveelheden homogene afvalstromen worden verwerkt met een substantieel ander percentage dan het percentage bedoeld in het tweede lid of dat er substantiële hoeveelheden fossiele brandstoffen worden gebruikt, stelt de garantiebeheerinstantie de minister hiervan op de hoogte. In afwijking van het tweede lid kan de minister voor die afvalverbrandingsinstallatie of die AVI-eenheid het percentage vaststellen dat uitdrukt welk gedeelte van de totale hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt door middel van die homogene afvalstromen, duurzame elektriciteit is.
2. De Minister stelt jaarlijks uiterlijk op 1 december ten behoeve van het daaropvolgende kalenderjaar een percentage vast, dat uitdrukt welk gedeelte van de totale hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt door middel van huishoudelijk afval of vergelijkbaar bedrijfsafval in een afvalverbrandingsinstallatie, duurzame elektriciteit is.
3. Indien de garantiebeheerinstantie constateert dat in een afvalverbrandingsinstallatie of in een AVI-eenheid waarin duurzame elektriciteit wordt opgewekt door middel van huishoudelijk afval of vergelijkbaar bedrijfsafval, substantiële hoeveelheden homogene afvalstromen worden verwerkt met een substantieel ander percentage dan het percentage bedoeld in het tweede lid of dat er substantiële hoeveelheden fossiele brandstoffen worden gebruikt, stelt de garantiebeheerinstantie de minister hiervan op de hoogte. In afwijking van het tweede lid kan de minister voor die afvalverbrandingsinstallatie of die AVI-eenheid het percentage vaststellen dat uitdrukt welk gedeelte van de totale hoeveelheid elektriciteit die wordt opgewekt door middel van die homogene afvalstromen, duurzame elektriciteit is.