BWBR0014898
Geldig vanaf 2003-04-27
Artikel 24
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit Arbeidsinspectie 2003
1. De directeuren van de directies, bedoeld in artikel 2, derde lid onder c tot en met g, kunnen, na voorafgaande schriftelijke toestemming van de algemeen directeur, hun vertegenwoordigingsbevoegdheden in een door hen te bepalen omvang doorverlenen aan onder hen ressorterende functionarissen, met dien verstande dat bevoegdheden met betrekking tot personele aangelegenheden slechts kunnen worden doorverleend aan rechtstreeks onder hen ressorterende functionarissen en slechts voor zover het betreft:
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager - medewerker gesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de betreffende directeur.
2. De (door)verlening van (onder-)mandaat, volmacht en machtiging kan uitsluitend bij schriftelijk besluit geschieden.
a. het opmaken, niet zijnde vaststellen, van een beoordeling van medewerkers;
b. het houden van manager - medewerker gesprekken;
c. verlof van medewerkers;
d. kleine beloningen, niet zijnde gratificaties, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de betreffende directeur.
2. De (door)verlening van (onder-)mandaat, volmacht en machtiging kan uitsluitend bij schriftelijk besluit geschieden.