BWBR0014898
Geldig vanaf 2003-04-27
Artikel 17
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit Arbeidsinspectie 2003
1. Het werkterrein van de bedrijfstakdirecties is vastgesteld volgens het overzicht van de bij deze regeling behorende bijlage 2.
2. Een bedrijfstakdirectie staat onder leiding van een directeur.
3. Een bedrijfstakdirecteur is voor het werkterrein van de bedrijfstakdirectie verantwoordelijk voor:
a. het toezicht op de naleving van wet en regelgeving door werkgevers en werknemers door middel van controles, het opsporen van strafbare feiten, het hanteren van juridische instrumenten als eis tot naleving en stillegging van het werk, op het gebied van arbeidsomstandigheden met inbegrip van stralingsbescherming, gevaarlijke werktuigen en stoffen, en arbeidsverhoudingen met inbegrip van arbeidstijden en arbeidsvoorwaarden;
b. de totstandkoming van landelijke strategieën en landelijke projecten met betrekking tot het toezicht op de naleving van de wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden en arbeidsverhoudingen;
c. de uitvoering van de projecten, bedoeld onder b, alsmede de rapportage over de bevindingen daarvan;
d. het vanuit zijn werkterrein leveren van een bijdrage aan het door de algemeen directeur op te stellen jaarplan en -verslag van de Arbeidsinspectie;
e. het nemen van de maatregelen en het realiseren van de prestaties, vervat in het jaarplan, bedoeld onder d;
f. het, op aanwijzing van de algemeen directeur, voor de gehele Arbeidsinspectie coördineren van projecten die door meerdere bedrijfstakdirecties moeten worden uitgevoerd;
g. de toepassing van landelijk vastgesteld handhavingsbeleid;
h. het behandelen van klachten voorzover die klachten betrekking hebben op het werkterrein van de Arbeidsinspectie, met uitzondering van klachten die betrekking hebben op onderwerpen die tot de verantwoordelijkheid van de directeur Major Hazard Control of de directeur Arbeidsmarktfraude behoren;
i. het verrichten van onderzoek bij gemelde arbeidsongevallen, bedoeld in artikel 1, derde lid onder i, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998;
j. de advisering omtrent de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid van voorgenomen wet- en regelgeving;
k. het verschaffen van informatie in verband met de evaluatie en ontwikkeling van beleid en uitvoering aan bewindspersonen en directeuren van beleidsdirecties van SZW;
l. het aan en op verzoek van de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden verstrekken van documenten en geven van een zienswijze ten aanzien van openbaarmaking naar aanleiding van verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur welke aangelegenheden betreffen die behoren tot het werkterrein van de bedrijftakdirectie;
m. het behandelen van klachten over gedragingen van medewerkers van de bedrijfstakdirectie.
4. Een bedrijfstakdirecteur wordt bijgestaan door een manager Inspecties en een manager Strategie, welke onder hem ressorteren.
5. De manager Inspecties is verantwoordelijk voor:
a. het conform de planning uitvoeren van de projecten, bedoeld in het derde lid, onder b;
b. het uitvoeren van onderzoek naar aanleiding van klachten, bedoeld in het derde lid, onder h, onderscheidenlijk naar aanleiding van de meldingen bedoeld in het derde lid, onder i.
6. De manager Inspecties wordt bijgestaan door zes onder hem ressorterende teamleiders. De werkgebieden van de teams zijn vastgesteld volgens het overzicht van de bij deze regeling behorende bijlage 3.
7. De manager Strategie is verantwoordelijk voor de totstandkoming van bedrijfstakstrategieën en projectplannen, bedoeld in het derde lid, onder b, en de rapportages, bedoeld in het derde lid, onder c.
2. Een bedrijfstakdirectie staat onder leiding van een directeur.
3. Een bedrijfstakdirecteur is voor het werkterrein van de bedrijfstakdirectie verantwoordelijk voor:
a. het toezicht op de naleving van wet en regelgeving door werkgevers en werknemers door middel van controles, het opsporen van strafbare feiten, het hanteren van juridische instrumenten als eis tot naleving en stillegging van het werk, op het gebied van arbeidsomstandigheden met inbegrip van stralingsbescherming, gevaarlijke werktuigen en stoffen, en arbeidsverhoudingen met inbegrip van arbeidstijden en arbeidsvoorwaarden;
b. de totstandkoming van landelijke strategieën en landelijke projecten met betrekking tot het toezicht op de naleving van de wet- en regelgeving op het gebied van arbeidsomstandigheden en arbeidsverhoudingen;
c. de uitvoering van de projecten, bedoeld onder b, alsmede de rapportage over de bevindingen daarvan;
d. het vanuit zijn werkterrein leveren van een bijdrage aan het door de algemeen directeur op te stellen jaarplan en -verslag van de Arbeidsinspectie;
e. het nemen van de maatregelen en het realiseren van de prestaties, vervat in het jaarplan, bedoeld onder d;
f. het, op aanwijzing van de algemeen directeur, voor de gehele Arbeidsinspectie coördineren van projecten die door meerdere bedrijfstakdirecties moeten worden uitgevoerd;
g. de toepassing van landelijk vastgesteld handhavingsbeleid;
h. het behandelen van klachten voorzover die klachten betrekking hebben op het werkterrein van de Arbeidsinspectie, met uitzondering van klachten die betrekking hebben op onderwerpen die tot de verantwoordelijkheid van de directeur Major Hazard Control of de directeur Arbeidsmarktfraude behoren;
i. het verrichten van onderzoek bij gemelde arbeidsongevallen, bedoeld in artikel 1, derde lid onder i, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998;
j. de advisering omtrent de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid van voorgenomen wet- en regelgeving;
k. het verschaffen van informatie in verband met de evaluatie en ontwikkeling van beleid en uitvoering aan bewindspersonen en directeuren van beleidsdirecties van SZW;
l. het aan en op verzoek van de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden verstrekken van documenten en geven van een zienswijze ten aanzien van openbaarmaking naar aanleiding van verzoeken op grond van de Wet openbaarheid van bestuur welke aangelegenheden betreffen die behoren tot het werkterrein van de bedrijftakdirectie;
m. het behandelen van klachten over gedragingen van medewerkers van de bedrijfstakdirectie.
4. Een bedrijfstakdirecteur wordt bijgestaan door een manager Inspecties en een manager Strategie, welke onder hem ressorteren.
5. De manager Inspecties is verantwoordelijk voor:
a. het conform de planning uitvoeren van de projecten, bedoeld in het derde lid, onder b;
b. het uitvoeren van onderzoek naar aanleiding van klachten, bedoeld in het derde lid, onder h, onderscheidenlijk naar aanleiding van de meldingen bedoeld in het derde lid, onder i.
6. De manager Inspecties wordt bijgestaan door zes onder hem ressorterende teamleiders. De werkgebieden van de teams zijn vastgesteld volgens het overzicht van de bij deze regeling behorende bijlage 3.
7. De manager Strategie is verantwoordelijk voor de totstandkoming van bedrijfstakstrategieën en projectplannen, bedoeld in het derde lid, onder b, en de rapportages, bedoeld in het derde lid, onder c.