BWBR0013683
Geldig vanaf 2002-05-18
Artikel 6
Regeling subsidie plattelandsontwikkelingsprogramma provincies
1. Geen subsidie wordt verleend:
a. indien de subsidieverlening in strijd is met verordening (EG) nr. 1257/1999, verordening (EG) nr. 445/2002, of het plattelandsontwikkelingsprogramma;
b. indien de subsidieverlening een, op grond van Verordening (EG) nr. 1257/1999 of Verordening (EG) nr. 445/2002, ongeoorloofde samenloop van verschillende subsidies met zich meebrengt;
c. voorzover enig bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Gemeenschappen voor het project of de projecten, of de activiteit of activiteiten reeds een subsidie heeft verleend of zal verlenen, waardoor het totaal van de te ontvangen subsidie voor het project of de projecten, of de activiteit of activiteiten meer bedraagt dan i. het voor de desbetreffende projecten of activiteiten bij de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen vermelde percentage van de subsidiabele kosten,
ii. het percentage van de subsidiabele kosten waarnaar voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen in de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen wordt verwezen, of
iii. indien van toepassing en het een lager bedrag is, het op de desbetreffende maatregel van toepassing zijnde maximale subsidiebedrag;
i. het voor de desbetreffende projecten of activiteiten bij de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen vermelde percentage van de subsidiabele kosten,
ii. het percentage van de subsidiabele kosten waarnaar voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen in de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen wordt verwezen, of
iii. indien van toepassing en het een lager bedrag is, het op de desbetreffende maatregel van toepassing zijnde maximale subsidiebedrag;
d. indien de subsidieverlening betrekking heeft op projecten of activiteiten die worden verricht ter voldoening aan enige wettelijke verplichting.
2. Geen subsidie wordt verleend voor projecten en activiteiten waarvan met de uitvoering een aanvang is gemaakt alvorens de ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening schriftelijk aan de aanvrager is bevestigd. Onder het maken van een aanvang met de uitvoering van een investering wordt in ieder geval verstaan het aangaan van verplichtingen.
a. indien de subsidieverlening in strijd is met verordening (EG) nr. 1257/1999, verordening (EG) nr. 445/2002, of het plattelandsontwikkelingsprogramma;
b. indien de subsidieverlening een, op grond van Verordening (EG) nr. 1257/1999 of Verordening (EG) nr. 445/2002, ongeoorloofde samenloop van verschillende subsidies met zich meebrengt;
c. voorzover enig bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Gemeenschappen voor het project of de projecten, of de activiteit of activiteiten reeds een subsidie heeft verleend of zal verlenen, waardoor het totaal van de te ontvangen subsidie voor het project of de projecten, of de activiteit of activiteiten meer bedraagt dan i. het voor de desbetreffende projecten of activiteiten bij de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen vermelde percentage van de subsidiabele kosten,
ii. het percentage van de subsidiabele kosten waarnaar voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen in de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen wordt verwezen, of
iii. indien van toepassing en het een lager bedrag is, het op de desbetreffende maatregel van toepassing zijnde maximale subsidiebedrag;
i. het voor de desbetreffende projecten of activiteiten bij de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen vermelde percentage van de subsidiabele kosten,
ii. het percentage van de subsidiabele kosten waarnaar voor de desbetreffende categorie rechtspersonen of natuurlijke personen in de desbetreffende maatregel bij steunintensiteit of toegepaste bedragen wordt verwezen, of
iii. indien van toepassing en het een lager bedrag is, het op de desbetreffende maatregel van toepassing zijnde maximale subsidiebedrag;
d. indien de subsidieverlening betrekking heeft op projecten of activiteiten die worden verricht ter voldoening aan enige wettelijke verplichting.
2. Geen subsidie wordt verleend voor projecten en activiteiten waarvan met de uitvoering een aanvang is gemaakt alvorens de ontvangst van de aanvraag tot subsidieverlening schriftelijk aan de aanvrager is bevestigd. Onder het maken van een aanvang met de uitvoering van een investering wordt in ieder geval verstaan het aangaan van verplichtingen.