BWBR0013488
Geldig vanaf 2002-03-08
Artikel 31
Tijdelijke wet noodcapaciteit drugskoeriers
1. De directeur stelt de gedetineerde in de gelegenheid te worden gehoord, zoveel mogelijk in een voor hem begrijpelijke taal, alvorens hij beslist omtrent:
a. de plaatsing in afzondering en de verlenging hiervan, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder a of b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, en de toepassing van artikel 11;
b. het onderzoek in het lichaam, bedoeld in artikel 16;
c. het gedogen van een geneeskundige handeling, bedoeld in artikel 17;
d. de bevestiging door mechanische middelen en de verlenging daarvan, bedoeld in artikel 18, eerste onderscheidenlijk tweede lid;
e. de uitsluiting van deelname aan activiteiten of de verlenging daarvan, bedoeld in artikel 10a, op de grond van artikel 10, eerste lid, onder a of b, onderscheidenlijk artikel 10a, tweede lid.
2. Van het horen van de gedetineerde wordt aantekening gehouden.
3. Toepassing van het eerste lid kan achterwege blijven indien:
a. de vereiste spoed zich daartegen verzet;
b. de gemoedstoestand van de gedetineerde daaraan in de weg staat.
a. de plaatsing in afzondering en de verlenging hiervan, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder a of b, onderscheidenlijk artikel 10, tweede lid, en de toepassing van artikel 11;
b. het onderzoek in het lichaam, bedoeld in artikel 16;
c. het gedogen van een geneeskundige handeling, bedoeld in artikel 17;
d. de bevestiging door mechanische middelen en de verlenging daarvan, bedoeld in artikel 18, eerste onderscheidenlijk tweede lid;
e. de uitsluiting van deelname aan activiteiten of de verlenging daarvan, bedoeld in artikel 10a, op de grond van artikel 10, eerste lid, onder a of b, onderscheidenlijk artikel 10a, tweede lid.
2. Van het horen van de gedetineerde wordt aantekening gehouden.
3. Toepassing van het eerste lid kan achterwege blijven indien:
a. de vereiste spoed zich daartegen verzet;
b. de gemoedstoestand van de gedetineerde daaraan in de weg staat.