BWBR0013488
Geldig vanaf 2002-03-08
Artikel 19
Tijdelijke wet noodcapaciteit drugskoeriers
1. De directeur is bevoegd de verblijfsruimten van de gedetineerden op de aanwezigheid van voorwerpen die niet in zijn bezit mogen zijn te onderzoeken:
a. indien dit onderzoek plaatsvindt in het kader van het algemeen toezicht op de aanwezigheid van verboden voorwerpen in de verblijfsruimten van gedetineerden;
b. indien dit anderszins noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de voorziening.
2. Artikel 14, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
a. indien dit onderzoek plaatsvindt in het kader van het algemeen toezicht op de aanwezigheid van verboden voorwerpen in de verblijfsruimten van gedetineerden;
b. indien dit anderszins noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de voorziening.
2. Artikel 14, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.