BWBR0013409
Geldig vanaf 2010-05-17
Artikel 58
Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002
1. De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst en de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst verlenen elkaar zoveel mogelijk medewerking.
2. De medewerking, bedoeld in het eerste lid, bestaat in ieder geval uit:
a. de verstrekking van gegevens;
b. het verlenen van technische en andere vormen van ondersteuning in het kader van de toepassing van bijzondere bevoegdheden als bedoeld in paragraaf 3.2.2.
3. Een verzoek om medewerking als bedoeld in het tweede lid, onder b, wordt ondertekend door Onze betrokken Minister en omvat een nauwkeurige omschrijving van de verlangde werkzaamheden. Onze betrokken Minister die om de medewerking heeft verzocht, is verantwoordelijk voor de feitelijke uitvoering van de te verrichten werkzaamheden.
2. De medewerking, bedoeld in het eerste lid, bestaat in ieder geval uit:
a. de verstrekking van gegevens;
b. het verlenen van technische en andere vormen van ondersteuning in het kader van de toepassing van bijzondere bevoegdheden als bedoeld in paragraaf 3.2.2.
3. Een verzoek om medewerking als bedoeld in het tweede lid, onder b, wordt ondertekend door Onze betrokken Minister en omvat een nauwkeurige omschrijving van de verlangde werkzaamheden. Onze betrokken Minister die om de medewerking heeft verzocht, is verantwoordelijk voor de feitelijke uitvoering van de te verrichten werkzaamheden.