BWBR0011926
Geldig vanaf 2003-06-01
Artikel 5
Regeling nationale vervoerbewijzen openbaar vervoer
1. De modellen van nationale vervoerbewijzen worden vastgesteld overeenkomstig de modellen die zijn opgenomen in bijlage 1bij deze regeling.
2. De tarieven van nationale vervoerbewijzen worden vastgesteld overeenkomstig de tarieven die zijn opgenomen in bijlage 2bij deze regeling.
3. Bij de vaststelling van tarieven kan onderscheid worden gemaakt in een voltarief en een reductietarief voor kinderen, jeugdigen, ouderen of studerenden die beschikken over een OV-studentenreisrecht, alsmede voor vervoer van fietsen en levende dieren als bedoeld in artikel 46, derde lid, van het Besluit personenvervoer 2000.
2. De tarieven van nationale vervoerbewijzen worden vastgesteld overeenkomstig de tarieven die zijn opgenomen in bijlage 2bij deze regeling.
3. Bij de vaststelling van tarieven kan onderscheid worden gemaakt in een voltarief en een reductietarief voor kinderen, jeugdigen, ouderen of studerenden die beschikken over een OV-studentenreisrecht, alsmede voor vervoer van fietsen en levende dieren als bedoeld in artikel 46, derde lid, van het Besluit personenvervoer 2000.