BWBR0011926
Geldig vanaf 2003-06-01
Artikel 10
Regeling nationale vervoerbewijzen openbaar vervoer
1. De zone-indeling, bedoeld in artikel 42, tweede lid, van het Besluit personenvervoer 2000, wordt vastgesteld overeenkomstig de zonekaart die is opgenomen in bijlage 4bij deze regeling.
2. De minister kan in het belang van het openbaar vervoer of op verzoek van een concessieverlener de zone-indeling wijzigen.
3. Het verzoek bevat tenminste:
a. de redenen die aan het verzoek ten grondslag liggen,
b. een topografische kaart met schaal 1:50.000 waarop zijn aangegeven de zonegrenzen, de zonenummers en de zonenamen in zowel de beoogde als in de bestaande situatie,
c. het gewenste tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging, en
d. de voor de concessieverlener te verwachten financiële gevolgen van inwilliging van het verzoek.
4. De minister neemt bij een besluit over de wijziging van de zone-indeling in aanmerking:
a. een logische samenhang van de zones naar grootte en ligging waarbij: 1º. de zone gemiddeld een doorsnede heeft van 4 à 4,5 kilometer, tenzij de zone zich in zijn geheel uitstrekt over een dijk, een dam of een tunnel, in welk geval de zone een lengte van 4 à 4,5 kilometer heeft;
2º. een woonkern in één zone ligt tenzij die kern een doorsnee kent van meer dan 4 à 4,5 kilometer;
3º. een waterweg uitsluitend door een zonegrens op een brug of een veer verdeeld wordt;
4º. een natuurgebied waarbinnen geen voor het openbaar verkeer toegankelijke wegen zijn gelegen, van zone-indeling kunnen worden uitgesloten.
1º. de zone gemiddeld een doorsnede heeft van 4 à 4,5 kilometer, tenzij de zone zich in zijn geheel uitstrekt over een dijk, een dam of een tunnel, in welk geval de zone een lengte van 4 à 4,5 kilometer heeft;
2º. een woonkern in één zone ligt tenzij die kern een doorsnee kent van meer dan 4 à 4,5 kilometer;
3º. een waterweg uitsluitend door een zonegrens op een brug of een veer verdeeld wordt;
4º. een natuurgebied waarbinnen geen voor het openbaar verkeer toegankelijke wegen zijn gelegen, van zone-indeling kunnen worden uitgesloten.
b. de mate waarin de door de reiziger te betalen vervoerprijs die door wijziging van de zone-indeling wordt verhoogd, en
c. het financiële belang van het openbaar vervoer.
2. De minister kan in het belang van het openbaar vervoer of op verzoek van een concessieverlener de zone-indeling wijzigen.
3. Het verzoek bevat tenminste:
a. de redenen die aan het verzoek ten grondslag liggen,
b. een topografische kaart met schaal 1:50.000 waarop zijn aangegeven de zonegrenzen, de zonenummers en de zonenamen in zowel de beoogde als in de bestaande situatie,
c. het gewenste tijdstip van inwerkingtreding van de wijziging, en
d. de voor de concessieverlener te verwachten financiële gevolgen van inwilliging van het verzoek.
4. De minister neemt bij een besluit over de wijziging van de zone-indeling in aanmerking:
a. een logische samenhang van de zones naar grootte en ligging waarbij: 1º. de zone gemiddeld een doorsnede heeft van 4 à 4,5 kilometer, tenzij de zone zich in zijn geheel uitstrekt over een dijk, een dam of een tunnel, in welk geval de zone een lengte van 4 à 4,5 kilometer heeft;
2º. een woonkern in één zone ligt tenzij die kern een doorsnee kent van meer dan 4 à 4,5 kilometer;
3º. een waterweg uitsluitend door een zonegrens op een brug of een veer verdeeld wordt;
4º. een natuurgebied waarbinnen geen voor het openbaar verkeer toegankelijke wegen zijn gelegen, van zone-indeling kunnen worden uitgesloten.
1º. de zone gemiddeld een doorsnede heeft van 4 à 4,5 kilometer, tenzij de zone zich in zijn geheel uitstrekt over een dijk, een dam of een tunnel, in welk geval de zone een lengte van 4 à 4,5 kilometer heeft;
2º. een woonkern in één zone ligt tenzij die kern een doorsnee kent van meer dan 4 à 4,5 kilometer;
3º. een waterweg uitsluitend door een zonegrens op een brug of een veer verdeeld wordt;
4º. een natuurgebied waarbinnen geen voor het openbaar verkeer toegankelijke wegen zijn gelegen, van zone-indeling kunnen worden uitgesloten.
b. de mate waarin de door de reiziger te betalen vervoerprijs die door wijziging van de zone-indeling wordt verhoogd, en
c. het financiële belang van het openbaar vervoer.