Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. het besluit: het Bekostigingsbesluit welzijnsbeleid;
b. de Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
c. kinderopvang: het in georganiseerd verband tegen vergoeding verzorgen en opvoeden van kinderen van 0 jaar tot de leeftijd waarop het primair onderwijs eindigt door anderen dan de eigen ouders, pleeg- of stiefouders op uren dat ouders of verzorgers hiervoor niet beschikbaar zijn;
d. dagopvang: kinderopvang van kinderen in de leeftijd van 0 tot en met 4 jaar;
e. buitenschoolse opvang: kinderopvang van kinderen in de leeftijd dat zij naar het primair onderwijs gaan met dien verstande dat naast verzorging en opvoeding ook toezicht en vrijetijdsactiviteiten worden aangeboden, waarbij in ieder geval opvang wordt geboden na school en in de schoolvakanties;
f. kindercentrum: kinderopvang buiten een gezinssituatie, alsmede kinderopvang binnen een gezinssituatie, indien de opvang betrekking heeft op gelijktijdig meer dan vier kinderen;
g. gastouderopvang: kinderopvang in een gezinssituatie, die tot stand komt door middel van een gastouderbureau en die betrekking heeft op gelijktijdig ten hoogste vier kinderen;
h. gastouderbureau: een organisatie die de bemiddeling van gastouderopvang tussen gastouders en ouders, pleeg- of stiefouders regelt;
i. koppeling: schriftelijke overeenkomst met ouder(s), pleeg- of stiefouder(s), waarin de omvang van de te bieden gastouderopvang is vastgelegd en waarbij die omvang minimaal gemiddeld vijf uren opvang per week omvat;
j. opvangplaats: aanbod van kinderopvang gedurende tenminste 1.050 uren buitenschoolse opvang dan wel 2.160 uren dagopvang per jaar in een kindercentrum of aanbod van gastouderopvang gedurende minimaal gemiddeld 5 uren per week waarbij het kindercentrum of het gastouderbureau door de gemeente gesubsidieerd wordt of waarbij de gemeente met het kindercentrum of het gastouderbureau een overeenkomst heeft gesloten tot het leveren van opvangplaatsen.
a. het besluit: het Bekostigingsbesluit welzijnsbeleid;
b. de Minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
c. kinderopvang: het in georganiseerd verband tegen vergoeding verzorgen en opvoeden van kinderen van 0 jaar tot de leeftijd waarop het primair onderwijs eindigt door anderen dan de eigen ouders, pleeg- of stiefouders op uren dat ouders of verzorgers hiervoor niet beschikbaar zijn;
d. dagopvang: kinderopvang van kinderen in de leeftijd van 0 tot en met 4 jaar;
e. buitenschoolse opvang: kinderopvang van kinderen in de leeftijd dat zij naar het primair onderwijs gaan met dien verstande dat naast verzorging en opvoeding ook toezicht en vrijetijdsactiviteiten worden aangeboden, waarbij in ieder geval opvang wordt geboden na school en in de schoolvakanties;
f. kindercentrum: kinderopvang buiten een gezinssituatie, alsmede kinderopvang binnen een gezinssituatie, indien de opvang betrekking heeft op gelijktijdig meer dan vier kinderen;
g. gastouderopvang: kinderopvang in een gezinssituatie, die tot stand komt door middel van een gastouderbureau en die betrekking heeft op gelijktijdig ten hoogste vier kinderen;
h. gastouderbureau: een organisatie die de bemiddeling van gastouderopvang tussen gastouders en ouders, pleeg- of stiefouders regelt;
i. koppeling: schriftelijke overeenkomst met ouder(s), pleeg- of stiefouder(s), waarin de omvang van de te bieden gastouderopvang is vastgelegd en waarbij die omvang minimaal gemiddeld vijf uren opvang per week omvat;
j. opvangplaats: aanbod van kinderopvang gedurende tenminste 1.050 uren buitenschoolse opvang dan wel 2.160 uren dagopvang per jaar in een kindercentrum of aanbod van gastouderopvang gedurende minimaal gemiddeld 5 uren per week waarbij het kindercentrum of het gastouderbureau door de gemeente gesubsidieerd wordt of waarbij de gemeente met het kindercentrum of het gastouderbureau een overeenkomst heeft gesloten tot het leveren van opvangplaatsen.