BWBR0010200
Geldig vanaf 2002-03-01
Artikel 13
Honden- en kattenbesluit 1999
1. De voor de katten beschikbare ruimte in het binnen- of buitenverblijf is tenminste:
a. 0,85 m2 aan vloeroppervlakte indien twee katten bij elkaar worden gehuisvest, waarbij de kortste zijde tenminste 0,65 meter en de hoogte van het binnen- of buitenverblijf tenminste 0,6 meter is;
b. 3 m2 aan vloeroppervlakte bij huisvesting van meer dan twee katten bij elkaar, vermeerderd met 0,6 m2 voor iedere kat die het aantal van 5 in het verblijf te boven gaat, waarbij de kortste zijde tenminste 1 meter en de hoogte van het binnen- of buitenverblijf tenminste 1,8 meter is.
2. In de binnenverblijven zijn vanaf 0,15 meter boven vloerniveau per kat afzonderlijke rustplanken met een lengte van tenminste 0,35 meter en een breedte van tenminste 0,20 meter aanbracht.
a. 0,85 m2 aan vloeroppervlakte indien twee katten bij elkaar worden gehuisvest, waarbij de kortste zijde tenminste 0,65 meter en de hoogte van het binnen- of buitenverblijf tenminste 0,6 meter is;
b. 3 m2 aan vloeroppervlakte bij huisvesting van meer dan twee katten bij elkaar, vermeerderd met 0,6 m2 voor iedere kat die het aantal van 5 in het verblijf te boven gaat, waarbij de kortste zijde tenminste 1 meter en de hoogte van het binnen- of buitenverblijf tenminste 1,8 meter is.
2. In de binnenverblijven zijn vanaf 0,15 meter boven vloerniveau per kat afzonderlijke rustplanken met een lengte van tenminste 0,35 meter en een breedte van tenminste 0,20 meter aanbracht.