BWBR0009753
Geldig vanaf 1999-07-01
Artikel 74
Wet Raad voor de Transportveiligheid
1. Niet kunnen als bewijzen in een rechtsgeding worden gebruikt:
a. verklaringen van personen, afgelegd in het kader van het onderzoek van de raad;
b. in het kader van het onderzoek vastgelegde communicatie tussen personen die betrokken zijn geweest bij het laten functioneren van het bij een onderzoek betrokken vervoermiddel;
c. in het kader van het onderzoek vastgelegde medische of privé-informatie betreffende personen die betrokken zijn bij het ongeval of incident;
d. gegevens die zijn ontleend aan een vluchtrecorder, een cockpit voice recorder en de transscripten daarvan;
e. meningen geuit in het kader van het verrichten van het onderzoek.
2. Het eerste lid, aanhef en onder a, is niet van toepassing bij de vervolging van een getuige of deskundige terzake van meineed als bedoeld in artikel 207 van het Wetboek van Strafrecht, in verband met een door hem voor de raad afgelegde verklaring.
a. verklaringen van personen, afgelegd in het kader van het onderzoek van de raad;
b. in het kader van het onderzoek vastgelegde communicatie tussen personen die betrokken zijn geweest bij het laten functioneren van het bij een onderzoek betrokken vervoermiddel;
c. in het kader van het onderzoek vastgelegde medische of privé-informatie betreffende personen die betrokken zijn bij het ongeval of incident;
d. gegevens die zijn ontleend aan een vluchtrecorder, een cockpit voice recorder en de transscripten daarvan;
e. meningen geuit in het kader van het verrichten van het onderzoek.
2. Het eerste lid, aanhef en onder a, is niet van toepassing bij de vervolging van een getuige of deskundige terzake van meineed als bedoeld in artikel 207 van het Wetboek van Strafrecht, in verband met een door hem voor de raad afgelegde verklaring.