BWBR0009753
Geldig vanaf 1999-07-01
Artikel 7
Wet Raad voor de Transportveiligheid
1. De leden van de raad en van de kamers worden bij koninklijk besluit benoemd, geschorst en ontslagen, de raad gehoord.
2. De keuze van de leden geschiedt op zodanige wijze dat alle relevante deskundigheid in de raad en in de kamers aanwezig is. Bij algemene maatregel van bestuur worden terzake nadere regels gesteld.
3. De benoeming geschiedt voor een periode van vier jaar. De leden van de raad en van de kamers kunnen worden herbenoemd.
4. Op eigen verzoek wordt aan de leden ontslag verleend uiterlijk met ingang van de eerste dag van de derde kalendermaand na de dag waarop Onze Minister het verzoek om ontslag heeft ontvangen.
5. Het eerste tot en met het vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangende leden van de kamers.
2. De keuze van de leden geschiedt op zodanige wijze dat alle relevante deskundigheid in de raad en in de kamers aanwezig is. Bij algemene maatregel van bestuur worden terzake nadere regels gesteld.
3. De benoeming geschiedt voor een periode van vier jaar. De leden van de raad en van de kamers kunnen worden herbenoemd.
4. Op eigen verzoek wordt aan de leden ontslag verleend uiterlijk met ingang van de eerste dag van de derde kalendermaand na de dag waarop Onze Minister het verzoek om ontslag heeft ontvangen.
5. Het eerste tot en met het vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangende leden van de kamers.