BWBR0009753
Geldig vanaf 1999-07-01
Artikel 28
Wet Raad voor de Transportveiligheid
1. Bij algemene maatregel van bestuur worden de personen of instanties aangewezen, die verplicht zijn tot het melden van bij die aanwijzing aangeduide ongevallen en ernstige incidenten.
2. De in het eerste lid bedoelde aanwijzing kan ook betrekking hebben op de melding van een incident met uitzondering van een incident als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel o, onder 5°.
3. De melding geschiedt aan de raad en bevat in elk geval de aanduiding van de plaats van het ongeval of het incident, de aard daarvan, de gevolgen wat betreft schade en letsel, de omstandigheden waaronder het ongeval of incident heeft plaatsgevonden, alsmede de bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gegevens. De raad geeft de melding door aan Onze Minister.
4. De verplichting tot melding, bedoeld in het eerste en het tweede lid is niet van toepassing op de krachtens het eerste lid aangewezen personen, voorzover zij weten dat één van de andere krachtens het eerste lid aangewezen personen melding heeft gemaakt van het in het eerste lid bedoelde ongeval of van het in het tweede lid bedoelde incident.
5. De verplichting tot melding, bedoeld in het eerste en tweede lid, is evenmin van toepassing in de bij algemene maatregel van bestuur aangeduide gevallen waarin reeds krachtens een andere wettelijke regeling een verplichting tot melding bestaat. Bij deze algemene maatregel van bestuur kan tevens worden bepaald dat de instantie waaraan de melding in die gevallen plaatsvindt, deze in de daarbij te bepalen mate van gedetailleerdheid moet doorgeven aan de raad. De raad geeft deze meldingen door aan Onze Minister.
2. De in het eerste lid bedoelde aanwijzing kan ook betrekking hebben op de melding van een incident met uitzondering van een incident als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel o, onder 5°.
3. De melding geschiedt aan de raad en bevat in elk geval de aanduiding van de plaats van het ongeval of het incident, de aard daarvan, de gevolgen wat betreft schade en letsel, de omstandigheden waaronder het ongeval of incident heeft plaatsgevonden, alsmede de bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gegevens. De raad geeft de melding door aan Onze Minister.
4. De verplichting tot melding, bedoeld in het eerste en het tweede lid is niet van toepassing op de krachtens het eerste lid aangewezen personen, voorzover zij weten dat één van de andere krachtens het eerste lid aangewezen personen melding heeft gemaakt van het in het eerste lid bedoelde ongeval of van het in het tweede lid bedoelde incident.
5. De verplichting tot melding, bedoeld in het eerste en tweede lid, is evenmin van toepassing in de bij algemene maatregel van bestuur aangeduide gevallen waarin reeds krachtens een andere wettelijke regeling een verplichting tot melding bestaat. Bij deze algemene maatregel van bestuur kan tevens worden bepaald dat de instantie waaraan de melding in die gevallen plaatsvindt, deze in de daarbij te bepalen mate van gedetailleerdheid moet doorgeven aan de raad. De raad geeft deze meldingen door aan Onze Minister.