BWBR0008830
Geldig vanaf 1997-07-16
Artikel 6.2
Investeringsregeling markt en concurrentiekracht
1. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de volgende, door de aanvrager aantoonbaar gemaakte en betaalde kosten, voorzover zij noodzakelijk zijn en rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de onderdelen van het investeringsproject waarop de beschikking tot subsidieverlening betrekking heeft:
de kosten van aangeschafte machines en apparatuur, gebaseerd op de historische aanschafprijzen, of de aan het investeringsproject toe te rekenen leasetermijnen, exclusief financieringskosten en winstopslagen bij transacties binnen een groep,
de kosten van de bouw van onroerende zaken en
de algemene kosten, met name de kosten voor architecten, ingenieurs en adviseurs en installatiekosten, tot een maximum van 12% van de onder a en b bedoelde kosten.
2. In afwijking van het eerste lid kan de minister per kalenderjaar of per aanvraagperiode bepalen dat bepaalde in het eerste lid bedoelde kosten niet subsidiabel zijn. Hij maakt dit besluit bekend in de Staatscourant.
de kosten van aangeschafte machines en apparatuur, gebaseerd op de historische aanschafprijzen, of de aan het investeringsproject toe te rekenen leasetermijnen, exclusief financieringskosten en winstopslagen bij transacties binnen een groep,
de kosten van de bouw van onroerende zaken en
de algemene kosten, met name de kosten voor architecten, ingenieurs en adviseurs en installatiekosten, tot een maximum van 12% van de onder a en b bedoelde kosten.
2. In afwijking van het eerste lid kan de minister per kalenderjaar of per aanvraagperiode bepalen dat bepaalde in het eerste lid bedoelde kosten niet subsidiabel zijn. Hij maakt dit besluit bekend in de Staatscourant.