BWBR0007982
Geldig vanaf 1996-09-01
Artikel 23
Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag
Dit artikel is nog niet in werking getreden; ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken kan bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister-President, dit artikel in werking treden.
In het bestuur van de goederen van de geïnterneerde en het waarnemen van diens belangen wordt zonodig voorzien op de wijze voorgeschreven in <a href="/wet/BWBR0002656" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">afdeling 1 van titel 18 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek</a>. Te dien einde wordt aan de officier van justitie in het arrondissement van de woonplaats van de geïnterneerde onverwijld kennis gegeven van de internering. Artikel 9, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
In het bestuur van de goederen van de geïnterneerde en het waarnemen van diens belangen wordt zonodig voorzien op de wijze voorgeschreven in <a href="/wet/BWBR0002656" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">afdeling 1 van titel 18 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek</a>. Te dien einde wordt aan de officier van justitie in het arrondissement van de woonplaats van de geïnterneerde onverwijld kennis gegeven van de internering. Artikel 9, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.