BWBR0007141
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel 8
Regeling VFR-nachtvluchten en minimum vlieghoogten voor militaire luchtvaartuigen
De in artikel 6bedoelde vrijstelling wordt aan gezagvoerders van militaire hefschroefvliegtuigen behorende tot of in gebruik bij de Nederlandse of bondgenootschappelijke strijdkrachten verleend voor het uitvoeren van een VFR-vlucht waarbij de volgende minimum vlieghoogten in acht worden genomen:
a. Boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen dan wel boven mensenverzamelingen: tenminste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig, voor zover het doel van de vlucht dit vereist.
b. Elders dan onder a aangegeven: ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water.
a. Boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen dan wel boven mensenverzamelingen: tenminste 210 meter (700 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen een afstand van 600 meter van het luchtvaartuig, voor zover het doel van de vlucht dit vereist.
b. Elders dan onder a aangegeven: ten minste 50 meter (150 voet) boven grond of water.