BWBR0006733
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 2
Besluit solvabiliteitsmarge verzekeringsbedrijf 1994
1. Het minimum bedrag van de solvabiliteitsmarge, bedoeld in artikel 68, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993bedraagt voor levensverzekeraars het totaal van de volgende berekeningen:
a. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar beleggingsrisico wordt gelopen: vier procent van de bruto technische voorzieningen, vermenigvuldigd met de verhouding tussen de technische voorzieningen onder aftrek van de overdrachten uit hoofde van herverzekering en de bruto technische voorzieningen aan het eind van het afgelopen boekjaar: dit verhoudingsgetal bedraagt ten minste vijfentachtig procent;
b. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar geen beleggingsrisico wordt gelopen en waarbij de beheerslasten voor een periode van meer dan vijf jaar zijn vastgelegd: een procent van de technische voorzieningen aan het einde van het boekjaar;
c. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar geen beleggingsrisico wordt gelopen en waarbij de beheerslasten voor een periode van vijf jaar of minder zijn vastgelegd: vijfentwintig procent van de netto beheerslasten in verband met de bedrijfsuitoefening in het afgelopen boekjaar;
d. voor spaarkassen: een procent van het vermogen van de spaarkassen;
e. voor verzekeringen met risicokapitaal, te onderscheiden in: - tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste drie jaar: 0,1 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van meer dan drie jaar en ten hoogste vijf jaar: 0,15 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- alle verzekeringen behalve tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste vijf jaar: 0,3 procent van het risicokapitaal bij overlijden. De som van de aangegeven bedragen wordt vervolgens vermenigvuldigd met de verhouding tussen het risicokapitaal onder aftrek van de overdrachten uit hoofde van herverzekering en het risicokapitaal in het afgelopen boekjaar: dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste drie jaar: 0,1 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van meer dan drie jaar en ten hoogste vijf jaar: 0,15 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- alle verzekeringen behalve tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste vijf jaar: 0,3 procent van het risicokapitaal bij overlijden.
f. voor de aanvullende verzekeringen: de hoogste uitkomst van de volgende twee berekeningen: 1º. Eerste berekening Achttien procent van de in het afgelopen boekjaar geboekte dan wel verdiende premies, naargelang welk bedrag het hoogst is en van de in rekening gebrachte poliskosten, voor zover deze premies en kosten niet meer bedragen dan € 50 miljoen, vermeerderd met zestien procent van deze premies en kosten voor zover deze meer bedragen dan € 50 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2º. Tweede berekening Zesentwintig procent van de gemiddeld geboekte bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren en van de gemiddelde toevoeging aan de schadevoorziening in deze jaren, voor zover deze schaden en toevoeging niet meer bedragen dan € 35 miljoen, vermeerderd met drieëntwintig procent van deze schaden en toevoeging, voor zover deze meer bedragen dan € 35 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
1º. Eerste berekening Achttien procent van de in het afgelopen boekjaar geboekte dan wel verdiende premies, naargelang welk bedrag het hoogst is en van de in rekening gebrachte poliskosten, voor zover deze premies en kosten niet meer bedragen dan € 50 miljoen, vermeerderd met zestien procent van deze premies en kosten voor zover deze meer bedragen dan € 50 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2º. Tweede berekening Zesentwintig procent van de gemiddeld geboekte bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren en van de gemiddelde toevoeging aan de schadevoorziening in deze jaren, voor zover deze schaden en toevoeging niet meer bedragen dan € 35 miljoen, vermeerderd met drieëntwintig procent van deze schaden en toevoeging, voor zover deze meer bedragen dan € 35 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2. Indien de hoogste uitkomst van de berekeningen in het eerste lid, onderdeel f, lager is dan in het afgelopen boekjaar, is de uitkomst ten minste gelijk aan de uitkomst van het afgelopen boekjaar vermenigvuldigd met de verhouding tussen de technische voorzieningen voor te betalen schaden onder aftrek van de overdrachten uit herverzekering aan het einde van het afgelopen boekjaar en de technische voorzieningen voor te betalen schaden onder aftrek van de overdrachten uit herverzekering aan het begin van het afgelopen boekjaar; dit verhoudingsgetal is ten hoogste honderd procent.
3. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan tegen de op herverzekering gebaseerde verlaging van het minimum bedrag van de solvabiliteitsmarge overeenkomstig het eerste lid, onderdelen a, e, laatste volzin, en f, en het tweede lid, bedenkingen naar voren brengen indien:
a. de aard of de kwaliteit van de overdracht uit hoofde van herverzekering sinds het afgelopen boekjaar sterk is gewijzigd;
b. er nauwelijks of geen risico-overdracht plaatsvindt uit hoofde van herverzekering.
a. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar beleggingsrisico wordt gelopen: vier procent van de bruto technische voorzieningen, vermenigvuldigd met de verhouding tussen de technische voorzieningen onder aftrek van de overdrachten uit hoofde van herverzekering en de bruto technische voorzieningen aan het eind van het afgelopen boekjaar: dit verhoudingsgetal bedraagt ten minste vijfentachtig procent;
b. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar geen beleggingsrisico wordt gelopen en waarbij de beheerslasten voor een periode van meer dan vijf jaar zijn vastgelegd: een procent van de technische voorzieningen aan het einde van het boekjaar;
c. voor verzekeringen waarbij door de verzekeraar geen beleggingsrisico wordt gelopen en waarbij de beheerslasten voor een periode van vijf jaar of minder zijn vastgelegd: vijfentwintig procent van de netto beheerslasten in verband met de bedrijfsuitoefening in het afgelopen boekjaar;
d. voor spaarkassen: een procent van het vermogen van de spaarkassen;
e. voor verzekeringen met risicokapitaal, te onderscheiden in: - tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste drie jaar: 0,1 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van meer dan drie jaar en ten hoogste vijf jaar: 0,15 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- alle verzekeringen behalve tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste vijf jaar: 0,3 procent van het risicokapitaal bij overlijden. De som van de aangegeven bedragen wordt vervolgens vermenigvuldigd met de verhouding tussen het risicokapitaal onder aftrek van de overdrachten uit hoofde van herverzekering en het risicokapitaal in het afgelopen boekjaar: dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste drie jaar: 0,1 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van meer dan drie jaar en ten hoogste vijf jaar: 0,15 procent van het risicokapitaal bij overlijden;
- alle verzekeringen behalve tijdelijke verzekeringen met een contractsduur van ten hoogste vijf jaar: 0,3 procent van het risicokapitaal bij overlijden.
f. voor de aanvullende verzekeringen: de hoogste uitkomst van de volgende twee berekeningen: 1º. Eerste berekening Achttien procent van de in het afgelopen boekjaar geboekte dan wel verdiende premies, naargelang welk bedrag het hoogst is en van de in rekening gebrachte poliskosten, voor zover deze premies en kosten niet meer bedragen dan € 50 miljoen, vermeerderd met zestien procent van deze premies en kosten voor zover deze meer bedragen dan € 50 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2º. Tweede berekening Zesentwintig procent van de gemiddeld geboekte bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren en van de gemiddelde toevoeging aan de schadevoorziening in deze jaren, voor zover deze schaden en toevoeging niet meer bedragen dan € 35 miljoen, vermeerderd met drieëntwintig procent van deze schaden en toevoeging, voor zover deze meer bedragen dan € 35 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
1º. Eerste berekening Achttien procent van de in het afgelopen boekjaar geboekte dan wel verdiende premies, naargelang welk bedrag het hoogst is en van de in rekening gebrachte poliskosten, voor zover deze premies en kosten niet meer bedragen dan € 50 miljoen, vermeerderd met zestien procent van deze premies en kosten voor zover deze meer bedragen dan € 50 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2º. Tweede berekening Zesentwintig procent van de gemiddeld geboekte bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren en van de gemiddelde toevoeging aan de schadevoorziening in deze jaren, voor zover deze schaden en toevoeging niet meer bedragen dan € 35 miljoen, vermeerderd met drieëntwintig procent van deze schaden en toevoeging, voor zover deze meer bedragen dan € 35 miljoen. De uitkomst van deze berekening wordt vermenigvuldigd met de verhouding tussen de schaden die voor eigen rekening komen van de verzekeraar na overdracht uit hoofde van herverzekering en de bruto schaden in de afgelopen drie boekjaren; dit verhoudingsgetal is ten minste vijftig procent.
2. Indien de hoogste uitkomst van de berekeningen in het eerste lid, onderdeel f, lager is dan in het afgelopen boekjaar, is de uitkomst ten minste gelijk aan de uitkomst van het afgelopen boekjaar vermenigvuldigd met de verhouding tussen de technische voorzieningen voor te betalen schaden onder aftrek van de overdrachten uit herverzekering aan het einde van het afgelopen boekjaar en de technische voorzieningen voor te betalen schaden onder aftrek van de overdrachten uit herverzekering aan het begin van het afgelopen boekjaar; dit verhoudingsgetal is ten hoogste honderd procent.
3. De Pensioen- & Verzekeringskamer kan tegen de op herverzekering gebaseerde verlaging van het minimum bedrag van de solvabiliteitsmarge overeenkomstig het eerste lid, onderdelen a, e, laatste volzin, en f, en het tweede lid, bedenkingen naar voren brengen indien:
a. de aard of de kwaliteit van de overdracht uit hoofde van herverzekering sinds het afgelopen boekjaar sterk is gewijzigd;
b. er nauwelijks of geen risico-overdracht plaatsvindt uit hoofde van herverzekering.