BWBR0006733
Geldig vanaf 2000-01-01
Artikel 9
Besluit solvabiliteitsmarge verzekeringsbedrijf 1994
1. De in artikel 6bedoelde waarden worden in open bewaring gegeven bij De Nederlandsche Bank N.V. of bij een ingevolge artikel 52, tweede lid, onderdelen a, b, c of d, van de Wet toezicht kredietwezen 1992geregistreerde kredietinstelling.
2. De verzekeraar kan met de in het eerste lid bedoelde bewaarneemster overeenkomen dat deze bij haar in bewaring gegeven waarden op naam van de verzekeraar mag overdragen aan een effectenbewaarinstelling die rechtspersoon is, mits:
a. de nakoming van de verplichtingen van de effectenbewaarinstelling door haar is gewaarborgd, en
b. de effectenbewaarinstelling zich heeft verplicht om hetzij die waarden hetzij een gelijke hoeveelheid waarden van dezelfde soort op naam van de verzekeraar in haar voorraad aanwezig te houden en na beëindiging van de overeenkomst tussen de verzekeraar en de bewaarneemster af te geven aan de verzekeraar.
3. De waarden worden in Nederland bewaard. De bewaarneemster of effectenbewaarinstelling draagt zelfstandig zorg voor verkrijging van nieuwe coupon- en dividendbladen en voor bewaargeving tot het bijwonen van vergaderingen door de verzekeraar.
4. Zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer worden de waarden niet aan de verzekeraar afgegeven en zullen ten aanzien daarvan geen rechtshandelingen worden verricht. De bewaarneemster of effectenbewaarinstelling mag evenwel coupons en dividendbewijzen, mits niet vroeger dan veertien dagen voor de dag der betaalbaarstelling, zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer aan de verzekeraar afgeven, tenzij de Pensioen- & Verzekeringskamer haar dit heeft verboden. De Pensioen- & Verzekeringskamer maakt dit verbod onmiddellijk aan de verzekeraar bekend.
5. De waarden worden op verzoek van de Pensioen- & Verzekeringskamer aan haar ter bewaring afgegeven, indien:
a. de registratie van de kredietinstelling is doorgehaald, of
b. de bewaarneemster de overeenkomst met de verzekeraar beëindigt dan wel de nakoming van de verplichtingen van de effectenbewaarinstelling niet langer waarborgt.
6. Vanaf de dertigste dag na de afgifte, bedoeld in het vijfde lid, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer de waarden overeenkomstig dit artikel in bewaring geven op kosten van de verzekeraar.
2. De verzekeraar kan met de in het eerste lid bedoelde bewaarneemster overeenkomen dat deze bij haar in bewaring gegeven waarden op naam van de verzekeraar mag overdragen aan een effectenbewaarinstelling die rechtspersoon is, mits:
a. de nakoming van de verplichtingen van de effectenbewaarinstelling door haar is gewaarborgd, en
b. de effectenbewaarinstelling zich heeft verplicht om hetzij die waarden hetzij een gelijke hoeveelheid waarden van dezelfde soort op naam van de verzekeraar in haar voorraad aanwezig te houden en na beëindiging van de overeenkomst tussen de verzekeraar en de bewaarneemster af te geven aan de verzekeraar.
3. De waarden worden in Nederland bewaard. De bewaarneemster of effectenbewaarinstelling draagt zelfstandig zorg voor verkrijging van nieuwe coupon- en dividendbladen en voor bewaargeving tot het bijwonen van vergaderingen door de verzekeraar.
4. Zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer worden de waarden niet aan de verzekeraar afgegeven en zullen ten aanzien daarvan geen rechtshandelingen worden verricht. De bewaarneemster of effectenbewaarinstelling mag evenwel coupons en dividendbewijzen, mits niet vroeger dan veertien dagen voor de dag der betaalbaarstelling, zonder toestemming van de Pensioen- & Verzekeringskamer aan de verzekeraar afgeven, tenzij de Pensioen- & Verzekeringskamer haar dit heeft verboden. De Pensioen- & Verzekeringskamer maakt dit verbod onmiddellijk aan de verzekeraar bekend.
5. De waarden worden op verzoek van de Pensioen- & Verzekeringskamer aan haar ter bewaring afgegeven, indien:
a. de registratie van de kredietinstelling is doorgehaald, of
b. de bewaarneemster de overeenkomst met de verzekeraar beëindigt dan wel de nakoming van de verplichtingen van de effectenbewaarinstelling niet langer waarborgt.
6. Vanaf de dertigste dag na de afgifte, bedoeld in het vijfde lid, kan de Pensioen- & Verzekeringskamer de waarden overeenkomstig dit artikel in bewaring geven op kosten van de verzekeraar.