BWBR0005834
Geldig vanaf 2005-05-26
Artikel 38
Regeling aquicultuur
1. Indien bij het onderzoek, bedoeld in artikel 31, derde lid, artikel 63, tweede lid, of bij een controle tijdens het vervoer in het kader van de invoer of de doorvoer wordt vermoed of geconstateerd dat er verwekkers van ziekten, zoönosen of andere aandoeningen, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van richtlijn 90/425/EEG, aanwezig zijn, kan de minister, indien hij vermoedt dat er verwekkers van ziekten, zoönosen of andere aandoeningen aanwezig zijn, gelasten dat de daarbij betrokken aquicultuurdieren in tijdelijke afzondering worden geplaatst, dan wel moeten de aquicultuurdieren na een daartoe strekkend besluit van de minister worden vernietigd. Het bepaalde in artikel 29, tweede lid, is ten aanzien van dit besluit van toepassing.
2. Indien bij een onderzoek of een controle als bedoeld in het eerste lid, wordt vermoed of geconstateerd dat niet is voldaan aan de overige voorwaarden, die in deze regeling dan wel in de van toepassing zijnde commumautaire regelgeving zijn neergelegd, of dat de aquicultuurdieren afkomstig zijn uit een met een epidemische dierziekte besmet gebied, besluit de minister, na overleg met de importeur, om maatregelen te nemen als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdelen a, b of c van richtlijn 91/496/EEG.
3. De kosten, die uit de in het eerste of tweede lid, bedoelde maatregelen voortvloeien, komen voor rekening van de importeur, met uitzondering van de kosten die voortvloeien uit de vernietiging van de partij aquicultuurdieren als bedoeld in het tweede lid, welke ten laste komen van de afzender, de geadresseerde of hun gemachtigde.
2. Indien bij een onderzoek of een controle als bedoeld in het eerste lid, wordt vermoed of geconstateerd dat niet is voldaan aan de overige voorwaarden, die in deze regeling dan wel in de van toepassing zijnde commumautaire regelgeving zijn neergelegd, of dat de aquicultuurdieren afkomstig zijn uit een met een epidemische dierziekte besmet gebied, besluit de minister, na overleg met de importeur, om maatregelen te nemen als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdelen a, b of c van richtlijn 91/496/EEG.
3. De kosten, die uit de in het eerste of tweede lid, bedoelde maatregelen voortvloeien, komen voor rekening van de importeur, met uitzondering van de kosten die voortvloeien uit de vernietiging van de partij aquicultuurdieren als bedoeld in het tweede lid, welke ten laste komen van de afzender, de geadresseerde of hun gemachtigde.