BWBR0005291
Geldig vanaf 1992-01-01
Artikel 80
Burgerlijk Wetboek Boek 3
1. Men kan goederen onder algemene en onder bijzondere titel verkrijgen.
2. Men verkrijgt goederen onder algemene titel door erfopvolging, door boedelmenging, door fusie als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/309" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 309 van Boek 2</a>, door splitsing als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/334a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 334a van Boek 2</a>, door een besluit tot overgang als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3A:21, eerste lid, onderdeel b</a>, en door toepassing van een afwikkelingsinstrument als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3A:1, onderdelen a, b en c</a>, en <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:77" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3A:77, onderdelen b, c en d, van de Wet op het financieel toezicht</a>of artikel 27, eerste lid, van de verordening herstel en afwikkeling centrale tegenpartijen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/1:1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht</a>.
3. Men verkrijgt goederen onder bijzondere titel door overdracht, door verjaring en door onteigening, en voorts op de overige in de wet voor iedere soort aangegeven wijzen van rechtsverkrijging.
4. Men verliest goederen op de voor iedere soort in de wet aangegeven wijzen.
2. Men verkrijgt goederen onder algemene titel door erfopvolging, door boedelmenging, door fusie als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/309" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 309 van Boek 2</a>, door splitsing als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0003045/artikel/334a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 334a van Boek 2</a>, door een besluit tot overgang als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 3A:21, eerste lid, onderdeel b</a>, en door toepassing van een afwikkelingsinstrument als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3A:1, onderdelen a, b en c</a>, en <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/3a:77" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3A:77, onderdelen b, c en d, van de Wet op het financieel toezicht</a>of artikel 27, eerste lid, van de verordening herstel en afwikkeling centrale tegenpartijen als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020368/artikel/1:1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht</a>.
3. Men verkrijgt goederen onder bijzondere titel door overdracht, door verjaring en door onteigening, en voorts op de overige in de wet voor iedere soort aangegeven wijzen van rechtsverkrijging.
4. Men verliest goederen op de voor iedere soort in de wet aangegeven wijzen.