BWBR0005279
Geldig vanaf 1992-01-01
Artikel 18
Uniform Aanbestedingsreglement EG 1991
1. De aanbesteding geschiedt bij inschrijving.
2. De inschrijver dient op de dag van inschrijving te beschikken over een op aanvraag van de aanbesteder te overhandigen – bewijs van inschrijving in het beroepsregister van het land waar hij is gevestigd, alsmede een door hem ondertekende verklaring dat hij op de dag van de inschrijving voldoet aan de eisen die verbonden zijn aan de uitoefening van het aannemingsbedrijf of, indien hij gevestigd is in een land waar een officiële lijst van erkende aannemingsbedrijven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, bestaat, een bewijs van inschrijving op die lijst.
3. Het inschrijvingsbiljet, bedoeld in artikel 19, eerste lid, moet in een enveloppe zijn gesloten, die op duidelijke wijze dient te zijn voorzien van de vermelding op welk werk het inschrijvingsbiljet betrekking heeft, alsmede, in geval van verdeling van het werk in percelen, op welk perceel of op welke combinatie van percelen.
4. Een inschrijver is gerechtigd op het in de bekendmaking vermelde adres zelf het biljet in de daarvoor bestemde afgesloten en verzegelde bus te deponeren.
5. Indien een inschrijver van zijn bevoegdheid, bedoeld in het vierde lid, geen gebruik maakt, wordt het inschrijvingsbiljet, na ontvangst op het in de bekendmaking vermelde adres, door of namens de aanbesteder in de bus gedeponeerd.
6. Het inschrijvingsbiljet mag tot het tijdstip van de aanbesteding in de bus worden gedeponeerd.
7. Een inschrijver draagt het risico van de goede en tijdige aanwezigheid van zijn biljet in de bus.
8. Een inschrijver kan tot het tijdstip van de aanbesteding door middel van een duidelijke, ondertekende verklaring, waarmee op dezelfde wijze dient te worden gehandeld als met het inschrijvingsbiljet, zijn inschrijving intrekken.
2. De inschrijver dient op de dag van inschrijving te beschikken over een op aanvraag van de aanbesteder te overhandigen – bewijs van inschrijving in het beroepsregister van het land waar hij is gevestigd, alsmede een door hem ondertekende verklaring dat hij op de dag van de inschrijving voldoet aan de eisen die verbonden zijn aan de uitoefening van het aannemingsbedrijf of, indien hij gevestigd is in een land waar een officiële lijst van erkende aannemingsbedrijven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, bestaat, een bewijs van inschrijving op die lijst.
3. Het inschrijvingsbiljet, bedoeld in artikel 19, eerste lid, moet in een enveloppe zijn gesloten, die op duidelijke wijze dient te zijn voorzien van de vermelding op welk werk het inschrijvingsbiljet betrekking heeft, alsmede, in geval van verdeling van het werk in percelen, op welk perceel of op welke combinatie van percelen.
4. Een inschrijver is gerechtigd op het in de bekendmaking vermelde adres zelf het biljet in de daarvoor bestemde afgesloten en verzegelde bus te deponeren.
5. Indien een inschrijver van zijn bevoegdheid, bedoeld in het vierde lid, geen gebruik maakt, wordt het inschrijvingsbiljet, na ontvangst op het in de bekendmaking vermelde adres, door of namens de aanbesteder in de bus gedeponeerd.
6. Het inschrijvingsbiljet mag tot het tijdstip van de aanbesteding in de bus worden gedeponeerd.
7. Een inschrijver draagt het risico van de goede en tijdige aanwezigheid van zijn biljet in de bus.
8. Een inschrijver kan tot het tijdstip van de aanbesteding door middel van een duidelijke, ondertekende verklaring, waarmee op dezelfde wijze dient te worden gehandeld als met het inschrijvingsbiljet, zijn inschrijving intrekken.