BWBR0004616
Geldig vanaf 1989-09-21
Artikel 11
Rechtspositieregeling assistenten in opleiding en akademie-onderzoekers bij de rijksonderzoekinstituten
1. De assistent in opleiding die voor de heffing van de loonbelasting is ingedeeld in tariefgroep III en aan wie het salaris berekend overeenkomstig artikel 10, tweede en derde lid, lager is dan het laagste bedrag voor volwassenen volgens bijlage B van het BBRA 1984, ontvangt van het bevoegd gezag een toelage gelijk aan het verschil tussen deze twee bedragen.
2. De in het eerste lid bedoelde toelage wordt voor de assistent in opleiding die in verband met de vervulling van een deelbetrekking wordt bezoldigd naar een evenredig deel van de aan de volledige betrekking verbonden bezoldiging, in dezelfde evenredigheid verminderd.
3. De in het eerste lid bedoelde toelage gaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanspraak ingevolge dat lid is ontstaan.
4. De in het eerste lid bedoelde toelage is geen toelage in de zin van het BBRA 1984.
2. De in het eerste lid bedoelde toelage wordt voor de assistent in opleiding die in verband met de vervulling van een deelbetrekking wordt bezoldigd naar een evenredig deel van de aan de volledige betrekking verbonden bezoldiging, in dezelfde evenredigheid verminderd.
3. De in het eerste lid bedoelde toelage gaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanspraak ingevolge dat lid is ontstaan.
4. De in het eerste lid bedoelde toelage is geen toelage in de zin van het BBRA 1984.