BWBR0004616
Geldig vanaf 1989-09-21
Artikel 1
Rechtspositieregeling assistenten in opleiding en akademie-onderzoekers bij de rijksonderzoekinstituten
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. rijksonderzoekinstituut: een instituut waarvan de taakstelling primair is gelegen in het verrichten van wetenschappelijk onderzoek, geheel of ten dele ten behoeve van het Rijk en geheel of ten dele gefinancierd uit rijksmiddelen en waarvan het personeel ambtenaar is in de zin van artikel B 1 van de Algemene burgerlijke pensioenwet;
b. assistent in opleiding: de ambtenaar die in aansluiting op een met goed gevolg afgelegd doctoraal examen bij een universiteit, dan wel afsluitend examen bij een instelling van hoger beroepsonderwijs, in tijdelijke dienst is aangesteld bij een rijksonderzoekinstituut, ten einde zich door het verrichten van wetenschappelijk onderzoek alsmede door het ontvangen van onderwijs verder te bekwamen tot wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper;
c. akademie-onderzoeker: de ambtenaar die in het bezit zijnde van een doctoraat in tijdelijke dienst is aangesteld bij een rijksonderzoekinstituut voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek op specifieke personeelsplaatsen die mede op advies van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen zijn toegewezen, mits de duur van de aanstelling de tijd van vijf jaar niet te boven gaat;
d. het bevoegd gezag: het orgaan belast met de leiding van het rijksonderzoekinstituut.
a. rijksonderzoekinstituut: een instituut waarvan de taakstelling primair is gelegen in het verrichten van wetenschappelijk onderzoek, geheel of ten dele ten behoeve van het Rijk en geheel of ten dele gefinancierd uit rijksmiddelen en waarvan het personeel ambtenaar is in de zin van artikel B 1 van de Algemene burgerlijke pensioenwet;
b. assistent in opleiding: de ambtenaar die in aansluiting op een met goed gevolg afgelegd doctoraal examen bij een universiteit, dan wel afsluitend examen bij een instelling van hoger beroepsonderwijs, in tijdelijke dienst is aangesteld bij een rijksonderzoekinstituut, ten einde zich door het verrichten van wetenschappelijk onderzoek alsmede door het ontvangen van onderwijs verder te bekwamen tot wetenschappelijk onderzoeker of technologisch ontwerper;
c. akademie-onderzoeker: de ambtenaar die in het bezit zijnde van een doctoraat in tijdelijke dienst is aangesteld bij een rijksonderzoekinstituut voor het verrichten van wetenschappelijk onderzoek op specifieke personeelsplaatsen die mede op advies van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen zijn toegewezen, mits de duur van de aanstelling de tijd van vijf jaar niet te boven gaat;
d. het bevoegd gezag: het orgaan belast met de leiding van het rijksonderzoekinstituut.