BWBR0004259
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 58b
Besluit bekostiging WEC
1. Het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijsen artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijsis gehouden om, wanneer een bevoegd gezag of een personeelsorganisatie daarom verzoekt, met dat bevoegd gezag en de personeelsorganisaties een op overeenstemming gericht overleg te voeren over het personeel dat in het derde schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijsis vervallen, nog niet zal zijn herplaatst en dat niet als gevolg van natuurlijk verloop zal zijn uitgestroomd op of voor 1 augustus 2016.
2. Een bevoegd gezag als bedoeld in het eerste lid is het bevoegd gezag van een school als bedoeld in de Wet op de expertisecentraof een centrale dienst, waar het personeel in het schooljaar 2014–2015 in dienst is.
3. Het personeel, bedoeld in het eerste lid, is het personeel dat op 1 mei 2012 als ambulant begeleider in dienst was bij een school niet zijnde een instelling als bedoeld in de wet, een regionaal expertisecentrum als bedoeld in de wet of een centrale dienst.
4. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van personeel, niet zijnde ambulant begeleiders, dat op 1 mei 2012 is dienst was bij een samenwerkingsverband, een centrale dienst of een regionaal expertisecentrum en dat in het eerste schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijsis vervallen, niet kan worden herplaatst.
5. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de rechtspersoon, bedoeld in artikel 170 van de wetvoor zover het personeel, bedoeld in het derde of vierde lid, betreft dat in verband met de opheffing van regionale expertisecentra en de beëindiging van de ondersteuningswerkzaamheden bij de samenwerkingsverbanden zoals die bestonden voor 1 augustus 2013, een werkloosheidsuitkering ontvangt.
2. Een bevoegd gezag als bedoeld in het eerste lid is het bevoegd gezag van een school als bedoeld in de Wet op de expertisecentraof een centrale dienst, waar het personeel in het schooljaar 2014–2015 in dienst is.
3. Het personeel, bedoeld in het eerste lid, is het personeel dat op 1 mei 2012 als ambulant begeleider in dienst was bij een school niet zijnde een instelling als bedoeld in de wet, een regionaal expertisecentrum als bedoeld in de wet of een centrale dienst.
4. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van personeel, niet zijnde ambulant begeleiders, dat op 1 mei 2012 is dienst was bij een samenwerkingsverband, een centrale dienst of een regionaal expertisecentrum en dat in het eerste schooljaar waarin artikel 70a van de Wet op het primair onderwijsis vervallen, niet kan worden herplaatst.
5. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de rechtspersoon, bedoeld in artikel 170 van de wetvoor zover het personeel, bedoeld in het derde of vierde lid, betreft dat in verband met de opheffing van regionale expertisecentra en de beëindiging van de ondersteuningswerkzaamheden bij de samenwerkingsverbanden zoals die bestonden voor 1 augustus 2013, een werkloosheidsuitkering ontvangt.