BWBR0003892
Geldig vanaf 1986-02-01
Artikel 6
Wet milieugevaarlijke stoffen
1. Onze Minister tekent de datum van ontvangst van een kennisgeving als bedoeld in artikel 3aan op het geschrift waarbij de kennisgeving is gedaan, en zendt degene die de kennisgeving heeft gedaan, uiterlijk een week na de ontvangst van de kennisgeving een bewijs van ontvangst, waarin die datum is vermeld.
2. Hij zendt zo spoedig mogelijk een exemplaar van de kennisgeving en de daarbij overgelegde stukken als bedoeld in artikel 4aan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en, voor zover deze stukken van belang zijn in verband met het vervoer van de stof, aan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat.
3. Indien de kennisgeving betrekking heeft op het in Nederland invoeren of het aan een ander ter beschikking stellen van een stof, zendt Onze Minister voorts een exemplaar van de kennisgeving aan Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en aan de Commissie van de Europese Gemeenschappen. Hij voegt daarbij een samenvatting van alle met betrekking tot die stof door degene die de kennisgeving heeft gedaan, aan hem overgelegde stukken als bedoeld in artikel 4.
4. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere bestuursorganen of instellingen worden aangewezen, waaraan een exemplaar van de in het tweede lid bedoelde stukken of van bij de maatregel aan te wijzen onderdelen daarvan wordt toegezonden of kan worden toegezonden.
2. Hij zendt zo spoedig mogelijk een exemplaar van de kennisgeving en de daarbij overgelegde stukken als bedoeld in artikel 4aan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en, voor zover deze stukken van belang zijn in verband met het vervoer van de stof, aan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat.
3. Indien de kennisgeving betrekking heeft op het in Nederland invoeren of het aan een ander ter beschikking stellen van een stof, zendt Onze Minister voorts een exemplaar van de kennisgeving aan Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en aan de Commissie van de Europese Gemeenschappen. Hij voegt daarbij een samenvatting van alle met betrekking tot die stof door degene die de kennisgeving heeft gedaan, aan hem overgelegde stukken als bedoeld in artikel 4.
4. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere bestuursorganen of instellingen worden aangewezen, waaraan een exemplaar van de in het tweede lid bedoelde stukken of van bij de maatregel aan te wijzen onderdelen daarvan wordt toegezonden of kan worden toegezonden.