BWBR0003892
Geldig vanaf 1986-02-01
Artikel 3
Wet milieugevaarlijke stoffen
1. Degene die voornemens is ertoe over te gaan een stof te vervaardigen of, al dan niet verwerkt in een preparaat, in Nederland in te voeren, is verplicht van dat voornemen schriftelijk kennis te geven aan Onze Minister.
2. Degene die een stof vervaardigt en die voornemens is deze stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, voor de eerste maal aan een ander ter beschikking te stellen, is voorts verplicht ook van dat voornemen schriftelijk kennis te geven aan Onze Minister.
3. Het eerste lid geldt niet voor degene, die in een kennisgeving door een vertegenwoordiger is genoemd als importeur van de stof waarvoor die kennisgeving is gedaan, en die voornemens is die stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, in Nederland in te voeren.
4. Een vertegenwoordiger die in Nederland kennis geeft van het voornemen om een buiten de Europese Economische Ruimte vervaardigde stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, in de Europese Economische Ruimte in te voeren, dient in Nederland gevestigd te zijn.
5. Een kennisgeving als bedoeld in het vierde lid, geschiedt schriftelijk aan Onze Minister en heeft betrekking op de totale hoeveelheid van de stof zoals die door degene die de stof vervaardigt, door middel van de in de kennisgeving genoemde importeurs, in de Europese Economische Ruimte wordt ingevoerd.
6. Voor de toepassing van het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde wordt onder "vervaardigen" verstaan: produceren van een stof met het oogmerk deze, al dan niet verwerkt in een preparaat dan wel verwerkt of omgezet in een produkt, aan een ander ter beschikking te stellen.
2. Degene die een stof vervaardigt en die voornemens is deze stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, voor de eerste maal aan een ander ter beschikking te stellen, is voorts verplicht ook van dat voornemen schriftelijk kennis te geven aan Onze Minister.
3. Het eerste lid geldt niet voor degene, die in een kennisgeving door een vertegenwoordiger is genoemd als importeur van de stof waarvoor die kennisgeving is gedaan, en die voornemens is die stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, in Nederland in te voeren.
4. Een vertegenwoordiger die in Nederland kennis geeft van het voornemen om een buiten de Europese Economische Ruimte vervaardigde stof, al dan niet verwerkt in een preparaat, in de Europese Economische Ruimte in te voeren, dient in Nederland gevestigd te zijn.
5. Een kennisgeving als bedoeld in het vierde lid, geschiedt schriftelijk aan Onze Minister en heeft betrekking op de totale hoeveelheid van de stof zoals die door degene die de stof vervaardigt, door middel van de in de kennisgeving genoemde importeurs, in de Europese Economische Ruimte wordt ingevoerd.
6. Voor de toepassing van het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde wordt onder "vervaardigen" verstaan: produceren van een stof met het oogmerk deze, al dan niet verwerkt in een preparaat dan wel verwerkt of omgezet in een produkt, aan een ander ter beschikking te stellen.