BWBR0003222
Geldig vanaf 1979-07-01
Artikel 4
Wet op de huurcommissies
1. Een huurcommissie bestaat uit een voorzitter en een door Onze Minister te bepalen aantal leden.
2. Onze Minister kan bepalen dat een huurcommissie een plaatsvervangend voorzitter en plaatsvervangende leden telt. Hij stelt dan tevens het aantal plaatsvervangende leden vast. De artikelen van deze wet betrekking hebbend op de voorzitter van een huurcommissie zijn tevens van toepassing op de plaatsvervangend voorzitter.
3. Bij afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter treedt overeenkomstig een door Onze Minister vast te stellen rooster de voorzitter van een huurcommissie uit een ander ressort als waarnemend voorzitter op. Is op deze wijze niet in de waarneming te voorzien, dan wijst de huurcommissie uit haar midden een waarnemend voorzitter aan.
4. Bij afwezigheid of ontstentenis van een der leden treedt een daartoe door de voorzitter aangewezen lid of plaatsvervangend lid als vervanger op.
2. Onze Minister kan bepalen dat een huurcommissie een plaatsvervangend voorzitter en plaatsvervangende leden telt. Hij stelt dan tevens het aantal plaatsvervangende leden vast. De artikelen van deze wet betrekking hebbend op de voorzitter van een huurcommissie zijn tevens van toepassing op de plaatsvervangend voorzitter.
3. Bij afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter treedt overeenkomstig een door Onze Minister vast te stellen rooster de voorzitter van een huurcommissie uit een ander ressort als waarnemend voorzitter op. Is op deze wijze niet in de waarneming te voorzien, dan wijst de huurcommissie uit haar midden een waarnemend voorzitter aan.
4. Bij afwezigheid of ontstentenis van een der leden treedt een daartoe door de voorzitter aangewezen lid of plaatsvervangend lid als vervanger op.