BWBR0003222
Geldig vanaf 1979-07-01
Artikel 29
Wet op de huurcommissies
1. De voorzitter van een huurcommissie kan ter uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, b en c, van de verhuurder inzage en het nemen van afschrift vorderen van boeken en andere zakelijke bescheiden, waarvan raadpleging door hemzelf, een of meer leden der huurcommissie, de secretaris, het personeel bedoeld in artikel 8, vierde lid, en de door Onze Minister aangewezen ambtenaren redelijkerwijs nodig is.
2. De verhuurder is verplicht de van hem krachtens het eerste lid gevorderde inzage en het nemen van afschrift van boeken en andere zakelijke bescheiden te verlenen, een en ander op de wijze en binnen de termijn, door de voorzitter van de huurcommissie te bepalen.
3. Het niet voldoen aan de in het vorige lid omschreven verplichting wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie. Het strafbare feit is een overtreding.
2. De verhuurder is verplicht de van hem krachtens het eerste lid gevorderde inzage en het nemen van afschrift van boeken en andere zakelijke bescheiden te verlenen, een en ander op de wijze en binnen de termijn, door de voorzitter van de huurcommissie te bepalen.
3. Het niet voldoen aan de in het vorige lid omschreven verplichting wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie. Het strafbare feit is een overtreding.