BWBR0002471
Geldig vanaf 2011-12-22
Artikel 38b
Wet op de loonbelasting 1964
1. Een wijziging van de begrenzingen, bedoeld in artikel 18, derde lid, is niet van toepassing op aanspraken die vóór de datum van inwerkingtreding van die wijziging zijn ontstaan, voor zover die wijziging niet ten gunste van de werknemer of gewezen werknemer is.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op aanspraken die na de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de <a href="/wet/BWBR0048328" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet toekomst pensioenen</a>zijn omgezet in aanspraken ingevolge een premieovereenkomst als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020809/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10 van de Pensioenwet</a>of <a href="/wet/BWBR0018831/artikel/28" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 28 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling</a>. De eerste zin is van overeenkomstige toepassing op de pensioenregeling van een directeur-grootaandeelhouder als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020809/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1 van de Pensioenwet</a>waarvan als verzekeraar optreedt een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen a of b.
3. In afwijking in zoverre van het eerste lid is een wijziging van de begrenzingen, bedoeld in artikel 18, derde lid, ten gunste van de werknemer of gewezen werknemer niet van toepassing op aanspraken waarvan een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d of ezoals dat artikel luidde op 31 december 2016 als verzekeraar optreedt. De eerste zin is niet van toepassing op artikel 18a, vierde lid, en artikel 19b, zesde lid, van deze wet.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op aanspraken die na de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de <a href="/wet/BWBR0048328" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet toekomst pensioenen</a>zijn omgezet in aanspraken ingevolge een premieovereenkomst als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020809/artikel/10" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 10 van de Pensioenwet</a>of <a href="/wet/BWBR0018831/artikel/28" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 28 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling</a>. De eerste zin is van overeenkomstige toepassing op de pensioenregeling van een directeur-grootaandeelhouder als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0020809/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1 van de Pensioenwet</a>waarvan als verzekeraar optreedt een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen a of b.
3. In afwijking in zoverre van het eerste lid is een wijziging van de begrenzingen, bedoeld in artikel 18, derde lid, ten gunste van de werknemer of gewezen werknemer niet van toepassing op aanspraken waarvan een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d of ezoals dat artikel luidde op 31 december 2016 als verzekeraar optreedt. De eerste zin is niet van toepassing op artikel 18a, vierde lid, en artikel 19b, zesde lid, van deze wet.