BWBR0002452
Geldig vanaf 1965-08-01
Artikel 30
Overgangswet Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting
1. Streekplannen, als bedoeld in de voorlopige wet, voor zover zij bij de inwerkingtreding van deze wet zijn goedgekeurd en die, omtrent welker goedkeuring bij die inwerkingtreding nog niet is beslist, worden geacht streekplannen, als bedoeld in hoofdstuk III van de Wet op de Ruimtelijke Ordeningte zijn.
2. Indien vóór de inwerkingtreding van deze wet volgens de voorschriften van de voorlopige wet een ontwerp voor een streekplan ter inzage is gelegd, kan dat plan ook na die inwerkingtreding nog volgens de voorschriften van de voorlopige wet worden vastgesteld.
3. Op streekplannen, die ingevolge het tweede lid zijn vastgesteld, is het eerste lid van toepassing.
2. Indien vóór de inwerkingtreding van deze wet volgens de voorschriften van de voorlopige wet een ontwerp voor een streekplan ter inzage is gelegd, kan dat plan ook na die inwerkingtreding nog volgens de voorschriften van de voorlopige wet worden vastgesteld.
3. Op streekplannen, die ingevolge het tweede lid zijn vastgesteld, is het eerste lid van toepassing.