1. De apotheker en de apotheekhoudende arts mogen, behoudens het in het zevende lid bepaalde, een recept aan niemand ter inzage geven, noch afschrift daarvan verstrekken, noch op andere wijze de inhoud bekend maken dan aan:
a. degene, die het voorschreef;
b. degene, te wiens behoeve het is voorgeschreven of zijn wettelijke vertegenwoordiger;
c. de arts, die degene, te wiens behoeve het is voorgeschreven, behandelt;
d. de personen, bedoeld in artikel 33, eerste lid, van de wet;
e. een apotheker of apotheekhoudende arts, ter bereiding en/of aflevering.
2. De apotheker en apotheekhoudende arts zijn desgevraagd verplicht éénmaal een afschrift van een recept af te geven aan ieder der personen, bedoeld in het voorgaande lid, gedurende het tijdvak, bedoeld in artikel 30, tweede lid. Indien de aanvrager behoort tot de personen, bedoeld in het voorgaande lid, onder
aof
d, wordt het afschrift zonder vergoeding verstrekt.
3. Het afschrift wordt gesteld op een formulier, voorzien van het woord "afschrift" en moet een nauwkeurige en volledige weergave bevatten van het recept, alsmede het adres van de apotheek en naam en handtekening van de apotheker of apotheekhoudende arts of namens deze van degene, die het afschrift heeft gemaakt.
4. Op de afschriften van recepten, welke betrekking hebben op geneesmiddelen, bedoeld in
artikel 4, derde lid, van de wetof op geneesmiddelen, welker aflevering reeds het op het recept aangegeven aantal malen is herhaald, moet bovendien duidelijk zijn vermeld "Uitsluitend ter inlichting".
5. Indien op het recept is aangegeven, dat het voorschrift slechts een bepaald aantal malen mag worden herhaald, moet op het afschrift tevens worden aangegeven, hoeveel malen de aflevering heeft plaatsgevonden, terwijl op het origineel dient te worden vermeld, dat en op welke datum een afschrift is afgegeven.
6. De apotheker en de apotheekhoudende arts geven, wanneer het door een der personen, bedoeld in het eerste lid, onder
b, wordt verlangd, een gespecificeerde rekening der afgeleverde geneesmiddelen, welke rekening de navolgende gegevens bevat:
a. naam en adres van de patiënt;
b. naam en woonplaats van degene, die de geneesmiddelen heeft voorgeschreven;
c. de datum van aflevering der geneesmiddelen;
d. de vorm, waarin de geneesmiddelen zijn afgeleverd;
e. de prijzen der afgeleverde geneesmiddelen.
7. De apotheker en de apotheekhoudende arts zijn bevoegd aan de met controle belaste artsen, apothekers en apothekers-assistenten van een door het openbaar gezag of krachtens een wet ingesteld of toegelaten lichaam, van naamloze vennootschappen, wederkerige verzekerings- of waarborgmaatschappijen, coöperatieve of andere rechtspersoonlijkheid bezittende verenigingen of van stichtingen, voor welker rekening aan verzekerden, leden of niet-leden, geneesmiddelen worden verstrekt, een gespecificeerde rekening der voor hun rekening geleverde geneesmiddelen en inzage of afschrift der recepten te geven. In dit geval is het bepaalde in het vierde lid niet van toepassing.
8. De met controle belaste artsen, apothekers en apothekers-assistenten en het aan hen toegevoegde personeel, werkzaam bij de in het voorgaande lid bedoelde lichamen, vennootschappen, maatschappijen, verenigingen of stichtingen, mogen de gespecificeerde rekeningen en recepten of de afschriften der recepten aan niemand ter inzage geven of op andere wijze de inhoud bekend maken dan aan de in het eerste lid genoemde personen en, voor zover het recepten en afschriften daarvan betreft, slechts met toestemming van de apotheker of apotheekhoudende arts, aan wie de recepten behoren of die de afschriften heeft gemaakt. Zij zijn voorts verplicht te zorgen, dat de recepten, welke ter inzage zijn verstrekt, op generlei wijze worden gewijzigd of geschonden, noch van opschriften, met uitzondering van de kostenberekening, worden voorzien en op veilige wijze worden bewaard.
9. Uiterlijk vier weken na de indiening moeten de recepten of de afschriften daarvan desgevraagd aan de apotheker of apotheekhoudende arts worden teruggegeven.
10. Het bepaalde in het zevende, achtste en negende lid is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de bestuurders en het met controle belaste personeel van de instellingen of stichtingen, welke zich ten doel stellen rekeningen voor afgeleverde geneesmiddelen te controleren en/of de geldswaarde van recepten te berekenen.