BWBR0002034
Geldig vanaf 1948-01-11
Artikel 73
Herverkavelingswet Walcheren 1947
1. Zolang Gedeputeerde Staten nog geen besluit betreffende de eigendom, het beheer en het onderhoud der openbare wegen en waterlopen met de daartoe behorende kunstwerken en betreffende het beheer en het onderhoud der kaden hebben genomen, worden deze beschouwd als in eigendom, beheer en onderhoud of, wat de kaden betreft, in beheer en onderhoud toe te komen aan de Provincie Zeeland. Het beheer en het onderhoud der openbare wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken gaat over op de Provincie Zeeland of op de door haar aangewezen beheerders of onderhoudsplichtigen op de tijdstippen, dat deze werken gereed zijn en door Gedeputeerde Staten zijn goedgekeurd.
2. Wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken, waarvoor een publiekrechtelijk lichaam als belast met het beheer en onderhoud wordt aangewezen, hetwelk daarmede voorheen niet was belast, gaan in afwijking van het bepaalde in de artikelen 1en 2 van de Waterstaatswet 1900 en de artikelen 18a, 19en 20 van de Wegenwet, door het enkele feit van die aanwijzing in beheer en onderhoud op dat lichaam over op de wijze en op het tijdstip als in het eerste lid bepaald.
3. Zodra de Gedeputeerde Staten het in het eerste lid bedoelde besluit hebben genomen, zenden zij daarvan een afschrift aan de belanghebbende openbare lichamen, aan de herverkavelingscommissie en ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat.
4. Binnen dertig dagen na dagtekening van de verzending van de in het vorige lid bedoelde kennisgevingen, staat de in het vorige lid bedoelde lichamen beroep op Ons open.
5. De Minister zendt een afschrift van Ons besluit ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat.
2. Wegen, waterlopen en kaden met de daartoe behorende kunstwerken, waarvoor een publiekrechtelijk lichaam als belast met het beheer en onderhoud wordt aangewezen, hetwelk daarmede voorheen niet was belast, gaan in afwijking van het bepaalde in de artikelen 1en 2 van de Waterstaatswet 1900 en de artikelen 18a, 19en 20 van de Wegenwet, door het enkele feit van die aanwijzing in beheer en onderhoud op dat lichaam over op de wijze en op het tijdstip als in het eerste lid bepaald.
3. Zodra de Gedeputeerde Staten het in het eerste lid bedoelde besluit hebben genomen, zenden zij daarvan een afschrift aan de belanghebbende openbare lichamen, aan de herverkavelingscommissie en ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat.
4. Binnen dertig dagen na dagtekening van de verzending van de in het vorige lid bedoelde kennisgevingen, staat de in het vorige lid bedoelde lichamen beroep op Ons open.
5. De Minister zendt een afschrift van Ons besluit ter overschrijving in de openbare registers aan de hypotheekbewaarder, wie het aangaat.