BWBR0002032 83 artikelen

Wet buitengewoon pensioen 1940-1945

hoofdstuk Eerste

Algemene bepalingen

Artikel 1

Artikel 1a

Artikel 2

Artikel 3a

hoofdstuk Tweede

Van het buitengewoon pensioen van de deelnemers aan het verzet

§ 1

Van het recht op buitengewoon pensioen

Artikel 4

§ 2

Van de voet waarop buitengewoon pensioen wordt verleend

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

§ 3

Van de pensioengrondslag

Artikel 8

§ 4

Van het pensioenbedrag

Artikel 9

Artikel 10

Artikel 11

Artikel 11a

Artikel 12

Artikel 12a

Artikel 13

hoofdstuk Derde

Van het pensioen der nagelaten betrekkingen

§ 1

Van het recht op buitengewoon pensioen

Artikel 14

Artikel 15

Artikel 16

Artikel 16a

§ 2

Van de berekening van het buitengewoon pensioen

Artikel 17

Artikel 18

Artikel 18a

Artikel 19

Artikel 20

hoofdstuk Vierde

Van de Buitengewone Pensioenraad

hoofdstuk Vijfde

Van de aanvraag en de toekenning

Artikel 24

Artikel 24a

Artikel 25

Artikel 25a

Artikel 25b

hoofdstuk Zesde

Van ingang en einde der buitengewone pensioenen

Artikel 26

Artikel 27

Artikel 28

Artikel 29

Artikel 29a

Artikel 30

Artikel 30a

hoofdstuk Zevende

Van de welvaartsvastheid der buitengewone pensioenen

Artikel 31

Artikel 31a

Artikel 31b

Hoofdstuk 7A

De garantietoeslag

Artikel 31e

Artikel 31f

Artikel 31g

Hoofdstuk 7B

De toeslag inkomensafhankelijke premie

Artikel 31h

hoofdstuk Achtste

Bijzondere bepalingen aan alle buitengewone pensioenen en garantietoeslagen gemeen

Artikel 31i

Artikel 32

Artikel 33

Artikel 34

Artikel 35

Artikel 35a

Artikel 36a

hoofdstuk Negende

Van het indienen van een bezwaarschrift en van beroep

Artikel 37b

hoofdstuk Tiende

Van herziening van gegeven beschikkingen

Artikel 41

Artikel 41a

Artikel 42

Artikel 42a

Artikel 42b

Artikel 42c

Artikel 42d

hoofdstuk Elfde

Slotbepalingen

Artikel 43

Artikel 45a

Artikel 46

Artikel 47