BWBR0001883
Geldig vanaf 09-03-1936
Artikel 11
Besluit uitvoering art. 13 enz. Armenwet
1. De besturen van instellingen van weldadigheid, welke schoolvoeding en schoolkleeding verstrekken, doen opgave van:
A. het aantal kinderen, die schoolvoeding ontvingen op den eersten dag, waarop de verstrekking plaats vond, respect. in Januari, April, Juli en October;
B. het totaal aantal in het verslagjaar uitgereikte porties voedsel en het totaal aantal in het verslagjaar verstrekte liters melk.
C. het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen), die in het verslagjaar schoolkleeding en (of) schoeisel ontvingen.
2. De instellingen, welke kinderen naar buiten uitzenden en deze zelf verplegen, doen opgave van:
A. Het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen) door de instellingen opgenomen in een gezondheids- en (of) vacantiekoloniehuis onder beheer van de instellingen zelf. Mede wordt opgegeven het totaal aantal voor die kinderen geldende verpleegdagen.
B. Het aantal der onder A bedoelde kinderen - met het aantal verpleegdagen -, voor wie aangenomen wordt, dat de kosten geheel zijn terugbetaald, onverschillig op welke wijze.
C. Het aantal der onder A bedoelde kinderen - met het aantal verpleegdagen -, voor wie de kosten geheel of gedeeltelijk werden vergoed door burgerlijke gemeenten of instellingen van weldadigheid.
3. De instellingen, welke kinderen naar buiten uitzenden, doch niet zelf verplegen, verstrekken opgaven van: het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen) - met het aantal verpleegdagen - gedurende het verslagjaar:
1°. ter opneming gegeven aan een gezondheids- en (of) vacantiekoloniehuis onder ander beheer (tevens te vermelden aan welke);
2°. tijdelijk uitbesteed in huisgezinnen.
4. Door de besturen van tehuizen voor schoolgaande kinderen wordt opgave gedaan van: het aantal kinderen - met het aantal verpleegdagen -, gedurende het verslagjaar in de instellingen verzorgd (zonder dubbeltellingen).
5. De uitgaven voor ondersteuning, door de in dit artikel bedoelde instellingen gedaan, worden opgegeven naar de volgende indeeling.
1°. huur of huurwaarde van gebouwen, lokaliteiten en gronden, bestemd voor de huisvesting der kinderen en voor de uitoefening van het beheer;
2°. belasting en verdere lasten en onderhoud van gebouwen, lokaliteiten en gronden, bestemd voor de huisvesting der kinderen en voor de uitoefening van het beheer; onderhoud van meubilair, traktementen en loonen van het personeel e.d.;
3°. uitgaven voor schoolvoeding en (of) -kleeding, en (of) schoeisel; hieronder ook te brengen de loonen van het keukenpersoneel en de andere kosten van toebereiding der spijzen, zoomede de kosten van vervoer;
4°. verpleging in koloniehuizen of tehuizen in eigen beheer, als voeding, kleeding, ligging, bewassching, verwarming, verlichting, genees- en heelkundige hulp (w.o. genees- en verbandmiddelen) en alles, wat verder tot onderhoud en verzorging strekt;
5°. verpleging in koloniehuizen onder ander beheer, onverschillig of die instellingen al dan niet instellingen van weldadigheid zijn in den zin der Armenwet;
6°. uitbesteding in huisgezinnen.
Mede wordt opgave verstrekt van hetgeen terugontvangen is van of voor met name aangewezen personen ter zake van:
1°. schoolvoeding en (of) -kleeding en (of) schoeisel;
2°. verpleging in koloniehuizen of tehuizen onder eigen beheer;
3°. verpleging in gestichten onder ander beheer;
4°. uitbesteding in huisgezinnen.
Deze terugontvangsten moeten overigens gesplitst worden opgegeven, als:
a. bijdragen van ouders en verzorgers;
b. andere terugontvangsten.
A. het aantal kinderen, die schoolvoeding ontvingen op den eersten dag, waarop de verstrekking plaats vond, respect. in Januari, April, Juli en October;
B. het totaal aantal in het verslagjaar uitgereikte porties voedsel en het totaal aantal in het verslagjaar verstrekte liters melk.
C. het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen), die in het verslagjaar schoolkleeding en (of) schoeisel ontvingen.
2. De instellingen, welke kinderen naar buiten uitzenden en deze zelf verplegen, doen opgave van:
A. Het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen) door de instellingen opgenomen in een gezondheids- en (of) vacantiekoloniehuis onder beheer van de instellingen zelf. Mede wordt opgegeven het totaal aantal voor die kinderen geldende verpleegdagen.
B. Het aantal der onder A bedoelde kinderen - met het aantal verpleegdagen -, voor wie aangenomen wordt, dat de kosten geheel zijn terugbetaald, onverschillig op welke wijze.
C. Het aantal der onder A bedoelde kinderen - met het aantal verpleegdagen -, voor wie de kosten geheel of gedeeltelijk werden vergoed door burgerlijke gemeenten of instellingen van weldadigheid.
3. De instellingen, welke kinderen naar buiten uitzenden, doch niet zelf verplegen, verstrekken opgaven van: het aantal kinderen (zonder dubbeltellingen) - met het aantal verpleegdagen - gedurende het verslagjaar:
1°. ter opneming gegeven aan een gezondheids- en (of) vacantiekoloniehuis onder ander beheer (tevens te vermelden aan welke);
2°. tijdelijk uitbesteed in huisgezinnen.
4. Door de besturen van tehuizen voor schoolgaande kinderen wordt opgave gedaan van: het aantal kinderen - met het aantal verpleegdagen -, gedurende het verslagjaar in de instellingen verzorgd (zonder dubbeltellingen).
5. De uitgaven voor ondersteuning, door de in dit artikel bedoelde instellingen gedaan, worden opgegeven naar de volgende indeeling.
1°. huur of huurwaarde van gebouwen, lokaliteiten en gronden, bestemd voor de huisvesting der kinderen en voor de uitoefening van het beheer;
2°. belasting en verdere lasten en onderhoud van gebouwen, lokaliteiten en gronden, bestemd voor de huisvesting der kinderen en voor de uitoefening van het beheer; onderhoud van meubilair, traktementen en loonen van het personeel e.d.;
3°. uitgaven voor schoolvoeding en (of) -kleeding, en (of) schoeisel; hieronder ook te brengen de loonen van het keukenpersoneel en de andere kosten van toebereiding der spijzen, zoomede de kosten van vervoer;
4°. verpleging in koloniehuizen of tehuizen in eigen beheer, als voeding, kleeding, ligging, bewassching, verwarming, verlichting, genees- en heelkundige hulp (w.o. genees- en verbandmiddelen) en alles, wat verder tot onderhoud en verzorging strekt;
5°. verpleging in koloniehuizen onder ander beheer, onverschillig of die instellingen al dan niet instellingen van weldadigheid zijn in den zin der Armenwet;
6°. uitbesteding in huisgezinnen.
Mede wordt opgave verstrekt van hetgeen terugontvangen is van of voor met name aangewezen personen ter zake van:
1°. schoolvoeding en (of) -kleeding en (of) schoeisel;
2°. verpleging in koloniehuizen of tehuizen onder eigen beheer;
3°. verpleging in gestichten onder ander beheer;
4°. uitbesteding in huisgezinnen.
Deze terugontvangsten moeten overigens gesplitst worden opgegeven, als:
a. bijdragen van ouders en verzorgers;
b. andere terugontvangsten.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001883
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl