Artikel 1
De opgaven van het aantal personen, min of meer geregeld ondersteund met geld of met levensbehoeften, worden verstrekt naar de volgende indeeling:
A. Aantal hoofden van gezinnen, gesplitst in mannen en vrouwen.
B. Aantal alleen wonenden en overige behoeftigen, gesplitst in mannen en vrouwen. Voor elk der vier categorieën personen onder A en B bedoeld wordt opgegeven: 1°. Duur der ondersteuning: a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
2°. Leeftijd der ondersteunden bij de eerste hulpverleening in het verslagjaar; te weten ondersteunden: a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
3°. Aantal nieuwe gevallen van min of meer geregelde ondersteuning, die aanleiding gaven tot ondersteuning wegens: a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
1°. Duur der ondersteuning: a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
2°. Leeftijd der ondersteunden bij de eerste hulpverleening in het verslagjaar; te weten ondersteunden: a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
3°. Aantal nieuwe gevallen van min of meer geregelde ondersteuning, die aanleiding gaven tot ondersteuning wegens: a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
C. Aantal personen, welke zijn ondersteund met losse giften.
D. Aantal personen, uitbesteed in gestichten, niet zijnde ziekenhuizen en aantal personen uitbesteed in huisgezinnen. Deze opgaven worden verstrekt naar de volgende indeeling: 1°. oude lieden;
2°. gebrekkigen en maatschappelijk ongeschikten;
3°. voogdij- en Regeeringskinderen;
4°. andere kinderen.
1°. oude lieden;
2°. gebrekkigen en maatschappelijk ongeschikten;
3°. voogdij- en Regeeringskinderen;
4°. andere kinderen.
E. Aantal personen verpleegd in ziekenhuizen e. d.
F. Aantal doortrekkenden, aan wie reisgeld of voedsel is verstrekt.
G. Aantal nachtverblijven, aan dakloozen verstrekt.
A. Aantal hoofden van gezinnen, gesplitst in mannen en vrouwen.
B. Aantal alleen wonenden en overige behoeftigen, gesplitst in mannen en vrouwen. Voor elk der vier categorieën personen onder A en B bedoeld wordt opgegeven: 1°. Duur der ondersteuning: a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
2°. Leeftijd der ondersteunden bij de eerste hulpverleening in het verslagjaar; te weten ondersteunden: a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
3°. Aantal nieuwe gevallen van min of meer geregelde ondersteuning, die aanleiding gaven tot ondersteuning wegens: a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
1°. Duur der ondersteuning: a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
a. gedurende drie maanden of langer;
b. korter dan 3 maanden;
2°. Leeftijd der ondersteunden bij de eerste hulpverleening in het verslagjaar; te weten ondersteunden: a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
a. beneden 21 jaar;
b. van 21 tot beneden 50 jaar;
c. van 50 tot beneden 65 jaar;
d. van 65 jaar en ouder.
3°. Aantal nieuwe gevallen van min of meer geregelde ondersteuning, die aanleiding gaven tot ondersteuning wegens: a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
a. overlijden van het hoofd of een der andere leden van het gezin;
b. gedwongen of vrijwillig vertrek van het hoofd uit het gezin;
c. ziekte en ongeval;
d. werkloosheid door andere oorzaken dan ziekte en ongeval;
e. zwangerschap en bevalling;
f. oorzaken niet te rangschikken onder a-e.
C. Aantal personen, welke zijn ondersteund met losse giften.
D. Aantal personen, uitbesteed in gestichten, niet zijnde ziekenhuizen en aantal personen uitbesteed in huisgezinnen. Deze opgaven worden verstrekt naar de volgende indeeling: 1°. oude lieden;
2°. gebrekkigen en maatschappelijk ongeschikten;
3°. voogdij- en Regeeringskinderen;
4°. andere kinderen.
1°. oude lieden;
2°. gebrekkigen en maatschappelijk ongeschikten;
3°. voogdij- en Regeeringskinderen;
4°. andere kinderen.
E. Aantal personen verpleegd in ziekenhuizen e. d.
F. Aantal doortrekkenden, aan wie reisgeld of voedsel is verstrekt.
G. Aantal nachtverblijven, aan dakloozen verstrekt.