BWBR0001828
Geldig vanaf 31-12-1823
Artikel 16
Besluit tot aanvulling der bepalingen van het besluit van 26 december 1818, Stb. 48
Daar de ontvangers, die door de bestuurders worden benoemd, als gemagtigden van deze laatsten moeten worden aangemerkt, zullen ook de vervolgingen, waarvan in het voorafgaand artikel is gesproken, tegen hen door de bestuurders worden gevoerd. Wanneer de bestuurders van Onzen Minister geene autorisatie zullen hebben verkregen, om deze regterlijke vervolgingen tegen hen, voor en uit naam der stichting te doen, zal het hun altijd vrij blijven de ontvangers voor eigene rekening en in hunnen eigenen naam in regten te betrekken, zoo wanneer zij vermeenen mogten dat deze de grenzen van hunne lastgeving hebben overschreden.
- Citeren als
- Art. 16
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001828
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl