Onze Minister zal, tot op de beslissing van het verschil, de, gedurende dien tijd gedane begevingen kunnen schorsen, en zullen in zoodanig geval, de ontvangers geene uitbetaling kunnen doen van beurzen, uit krachte van gezegde begevingen. Wanneer het onderzoek van de vorderingen en reclamatien aanleiding zoude kunnen geven tot oponthoud, nadeelig voor de studien van hen, die tot het genot der beurzen geregtigd zijn, zal Onze Minister de overblijvende begevers, wier regten niet worden betwist, kunnen magtigen om de openstaande beurzen te begeven, mits hunne keuze aan zijne goedkeuring te onderwerpen. Bij volslagen gebrek aan begevers, zal Onze Minister Gedeputeerde Staten tot de begeving kunnen magtigen, edoch onder gelijke voorbehouding van zijne goedkeuring.